Patat

Mensen met een bepaalde vorm van het CD36-gen hebben een grotere voorkeur voor vet eten.

Dat blijkt uit een nieuw onderzoek van de Penn State University. Eerder was al bekend dat dieren het CD36-gen nodig hebben om te overleven. Het helpt dieren om een voorkeur te ontwikkelen voor vet eten en dit vette eten vervolgens ook te vinden. Het is de eerste keer dat wetenschappers dit nu ook bij mensen kunnen aantonen.

WIST U DAT…

…het vet van de alligator heel geschikt is als grondstof voor biodiesel?

Onderzoek
In samenwerking met Columbia University, Cornell University en Rutgers University onderzocht een team van wetenschappers 317 Afrikaanse-Amerikaanse mannen en vrouwen. Het team koos voor deze etnische groep omdat zij het meest gevoelig zijn voor zwaarlijvigheid. De proefpersonen kregen een Italiaanse dressing voorgeschoteld, bereid met verschillende hoeveelheden koolzaadolie. Het gerecht staat er om bekend rijk te zijn aan vette zuren. Vervolgens werden zij gevraagd om in te schatten hoeveel vet er in de dressing zou zitten. Ook moesten ze aangeven hoe romig de salade was en hoeveel olie er volgens hen inzat. Daarnaast kregen de proefpersonen vragenlijsten over hun voedselvoorkeuren. De onderzoekers verzamelden ook speeksel om te zien welke vormen van CD36 de proefpersonen bezaten.

AA vorm
Het team kwam erachter dat mensen die de AA-variant van het gen bezaten de dressings romiger vonden dan degenen die een andere vorm van het gen bezitten. Het maakte hierbij niet uit hoeveel vet er in de dressing zat. Deze AA-vorm zou aanwezig zijn in 21 procent van de bevolking. Het onderzoek wijst uit dat mensen met bepaalde vormen van het CD36-gen, zoals de AA-variant, beter vet opsporen en hier ook meer voldoening uit halen. Zij lopen mogelijk ook een groter risico op zwaarlijvigheid en andere gezondheidsproblemen.

In de toekomst wil het onderzoeksteam een grotere bevolkingsgroep onderzoeken. Ook willen de wetenschappers dan kinderen meenemen in hun studie.