Jaarlijks worden er duizenden dieren in Zuid-Afrika gedood door jachttoeristen. Een grote bedreiging voor het voortbestaan van de olifant. Green hunting lijkt een goed alternatief, maar is dat het ook?

“Ssst, nu heel stil blijven zitten…” Ik ben in Addo Elephant Park, het op twee na grootste natuurreservaat in Zuid-Afrika. Vóór mij op de weg komen ineens negen olifanten de auto tegemoet. We kunnen noch achteruit, noch vooruit en dus zit er niets anders op dan het voertuig stil te zetten en heel, heel stil te wachten totdat ze gepasseerd zijn. De kudde bestaat uit oudere vrouwtjes, moeders, pubers en baby-olifantjes. Helemaal achteraan volgt een mannetje gestaag. Ik hou mijn adem in. Ik weet ondertussen hoe gevaarlijk olifanten kunnen zijn. Als de moeders jongen hebben, zijn ze heel beschermend en kunnen uit het niets een auto aanvallen. Maar op dit moment zijn de olifanten duidelijk ergens naar onderweg en lijken ze nergens anders oog voor te hebben. Opvallend stil en geruisloos lopen ze op hooguit een meter van mij vandaan langs. De slurf raakt bij elke stap de grond voor coördinatie, de oren wapperen in de wind. Een kleine glimlach staat op hun gezicht. Ik slaak een diepe zucht als ze voorbij zijn en ik me nog helemaal heel in de auto bevind.

Trofeejacht

De trofeejacht is de legale jacht op wilde dieren, zoals neushoorns, olifanten of leeuwen en vooral toeristen houden zich ermee bezig. Deze jachttoeristen betalen enorme bedragen om tijdens een vakantie een wild dier te mogen doden. De reizen zijn te boeken via tientallen bedrijven. Voor een vast bedrag koop je een vergunning, de gids en al het materiaal voor de jacht. Nadat het dier is gedood, kan de jager ermee op de foto, of delen van zijn prooi als trofee mee naar huis nemen.

Trofeejacht
De Afrikaanse olifant is het grootste landdier ter wereld en kan wel zestig jaar oud worden. Olifanten staan bekend om hun intelligentie en uitmuntend geheugen. Maar ook als een van de populairste dieren voor de trofeejacht. En de trofeejacht is in Zuid-Afrika big business. Elk jaar worden duizenden dieren omgebracht voor de adrenaline en de triomf die jachttoeristen voelen bij het zien neergaan van een machtig dier. Hoewel er ook op zebra’s en impala’s wordt gejaagd, kiezen de meeste jagers voor de Big Five, een term die trouwens ook uit de jacht afkomstig is. De neushoorn, olifant, buffel, luipaard en leeuw zijn de vijf gevaarlijkste dieren om op te jagen en juist dat maakt ze zo populair. De jagers kicken op het gevoel om over een gevaarlijk en groot dier oppermachtig te zijn. Hoewel de olifant een bedreigde diersoort is, is het toch legaal om erop te jagen. Hiervoor moet je echter wel een dikke portemonnee hebben, want om een olifant te mogen neerschieten heb je al gauw tienduizenden dollars nodig.

“Om een olifant te mogen neerschieten ben je al gauw tienduizenden dollars kwijt”

Voordelen
Sinds vorig jaar Cecil de leeuw in Zimbabwe door een trofeejager werd gedood, is er veel te doen rondom de trofeejacht. Er is veel kritiek, maar er zijn ook wetenschappers die juist wijzen op de voordelen. “Per jaar brengt de trofeejacht in heel Afrika zo’n 217 miljoen dollar op. Als dit geld niet meer verdiend wordt, zou dat weleens nadelig kunnen uitpakken voor veel diersoorten,” stelt onderzoeker Corey Bradshaw in een wetenschappelijk onderzoek. Voor natuurbehoud is namelijk geld nodig, maar de financiële middelen zijn vaak gering. De trofeejacht en het ecotoerisme zorgen voor meer geld in het laatje. Zonder deze inkomsten zouden veel leefgebieden allang zijn omgezet in landbouwgrond. Maar, zo stellen de onderzoekers, de trofeejacht is in vergelijking met ecotoerisme minder milieubelastend en levert meer geld op. De dood van het ene dier betekent dus weer leven voor het andere. Tenminste, als het geld op de juiste plekken terecht komt. En dat is niet altijd het geval. Het gebeurt nog te vaak dat het geld naar de private sector gaat en niet terechtkomt bij een natuurreservaat. Slechts 3 tot 5 procent van het geld vloeit terug naar de lokale gemeenschap of wordt gebruikt om dieren te beschermen.

Cecil de leeuw werd in 2015 door een Amerikaanse tandarts doodgeschoten. De tandarts zou daar 50.000 dollar voor hebben betaald. Afbeelding: Daughter3 (via Wikimedia Commons).

Cecil de leeuw werd in 2015 door een Amerikaanse tandarts doodgeschoten. De tandarts zou daar 50.000 dollar voor hebben betaald. Afbeelding: Daughter3 (via Wikimedia Commons).

Green hunting
Het wordt tussen neus en lippen door gezegd: green hunting. Mijn oren zijn gelijk gespitst. Volgens de ranger is green hunting een goed alternatief voor de trofeejacht. “De jager heeft nog steeds de ‘thrill of the kill’ omdat hij het geweer kan laten afgaan en vervolgens met een dood lijkend dier op de foto kan. Het enige verschil is dat het dier na een tijdje gewoon weer opstaat.” Dit klinkt inderdaad als een win-win situatie. In plaats van een dier met een kogel te doden zoals bij de trofeejacht, wordt het bij green hunting tijdelijk verdoofd met een dart. Olifantenorganisatie Safe the Elephant was in 1998 de eerste die in samenwerking met Timbavati Private Reserve green hunting uitprobeerde. Het moest een alternatief voor de trofeejacht worden, maar tegelijkertijd ook de mogelijkheid bieden om data van volwassen mannetjes olifanten te verzamelen en geld op te halen voor natuurbehoud. De eerste die met een dart tijdelijk werd geveld was olifant Mac. Hij kreeg een satellietband om die de onderzoekers in staat stelden om elke beweging te volgen. Zo konden de wetenschappers zijn ruimtelijke bewegingen bestuderen en meer te weten komen over het gedrag van olifanten. Klanten betaalden aan het begin van de millenniumwisseling zo’n 20.000 dollar voor de green hunt en mochten vervolgens, bewapend met verdovende pijlen, op jacht gaan naar olifanten, vergezeld door dierenartsen en wetenschappers. Terwijl Mac onder narcose was, konden dierenartsen bloedmonsters nemen en ging de jager met zijn voet rustend op zijn prooi en het verdovende geweer in zijn handen op de foto. De wetenschappers konden vervolgens de olifant voorzien van een satellietband, of een batterij in de satellietband vervangen. “De voordelen van green hunting zijn talrijk, zeker wanneer ze worden gekoppeld aan wetenschappelijke onderzoeksprogramma’s en plaatsvinden in overeenstemming met vooraf bepaalde protocollen en strikte jachtethiek,” wordt er in het wetenschappelijke rapport ‘Green hunting as an alternative to lethal hunting’ genoteerd. Volgens de onderzoekers is met green hunting de negatieve impact van de trofeejacht vermeden en is er sprake van een minimale verstoring van de dieren.

“Een dier met een dart uitschakelen omwille van niets anders dan de kick ervan is volkomen zinloos”

Wreed
Het klinkt als een goed idee, maar toch is green hunting in Zuid-Afrika verboden. Om dit beter te begrijpen, zoek ik contact met de NSPCA, de nationale dierenwelzijnsorganisatie in Zuid-Afrika. “Met alle recente aandacht voor trofeejacht en canned hunting (waar bijvoorbeeld leeuwen op een boerderij worden gefokt en vervolgens worden gebruikt voor jachttoerisme, red.) is het niet verwonderlijk dat green hunting als een goed en verantwoordelijk alternatief wordt gezien,” zegt Isabel Wentzel, manager van de NSPCA’s Wildlife Protection Unit. “Maar helaas heeft green hunting een keerzijde. Een dier met een dart uitschakelen omwille van niets anders dan de kick ervan is volkomen zinloos. Soms wordt een dier door een dierenarts om goede redenen gedart, maar ook dan ziin er risico’s aan verbonden.” De NSPCA vindt dat green hunting onnodig lijden veroorzaakt, omdat het erg traumatiserend voor het dier kan zijn. Zij houden de jachten op welzijnsgronden dan ook tegen. “De dieren worden bij green hunting keer op keer geïmmobiliseerd voor recreatieve doeleinden. Dat vinden wij heel wreed. Juist omdat green hunting niet dodelijk is, wordt verondersteld dat het ethischer en beter is dan de trofeejacht. Maar in feite ondergaan de dieren niet eenmalig, maar herhaaldelijk de negatieve gevolgen.”

De jacht op onder meer olifanten is van alle tijden. Hier poseert Theodore Roosevelt ergens tussen 1909 en 1919 naast een dode olifant.

De jacht op onder meer olifanten is van alle tijden. Hier poseert Theodore Roosevelt ergens tussen 1909 en 1919 naast een dode olifant.

Trauma
In de jaren na de eerste green hunts werd het concept misbruikt: talloze keren per maand werden dieren tijdelijk verdoofd voor niets anders dan commerciële doeleinden, de dieren werden daarbij verward, suf en bang achterlatend. Daarnaast is het volgens Wentzel ook nog niet helemaal duidelijk wat het effect van het verdovende middel is. “Het zou kunnen dat de drug een cumulatieve werking heeft in het lichaam en op den duur schadelijk is voor de gezondheid,” zegt ze. “Het risico dat het dier zichzelf doodt of verwondt tijdens de werking van het middel is ook vrij groot.” Grote dieren zoals olifanten hebben nog meer risico op letsel. De positie waarin zij neerkomen kan schade aan interne organen toebrengen of zelfs tot verstikking leiden.

Uitbuiting
Ook de Zuid-Afrikaanse dierenartsenvereniging staat niet achter green hunting. De vereniging noemt het een onethische procedure, waar geen enkele dierenarts mee verbonden mag zijn. En dat is een probleem voor de green hunts. Het verdovende middel dat hierbij wordt gebruikt, mag namelijk alleen verschaft worden door dierenartsen of mensen die door de SAVC (South African Veterinary Council) zijn geautoriseerd. Volgens de dierenartsenvereniging mag het alleen worden gebruikt voor gegronde doeleneinden. Aangezien de raad heeft vastgesteld dat green hunting dat niet is, kunnen er geen green hunts meer in Zuid-Afrika plaatsvinden. “Het komt voor dat dieren sterven aan de gevolgen van de narcose en dat mensen per ongeluk zelf geraakt en geïnjecteerd worden met de drug. Dus een verdovingsgeweer met daarin een zeer gevaarlijke cocktail van verdovingsmiddelen in de handen van leken leggen, vinden wij erg onverantwoord,” stelt de vereniging. Daarnaast is de vereniging tegen de commerciële insteek van green hunting. “Green hunting draait alleen om financieel gewin en er is maar weinig aandacht voor het dier. Dit vormt een duidelijk moreel probleem voor het beroep van een dierenarts. Daarom heeft de raad vastgesteld dat de verdovende middelen niet voor amusement gebruikt mogen worden bij de dartsafari’s, noch bij elke andere recreatieve activiteit waarbij wilde dieren worden uitgebuit.”

“Een verdovingsgeweer met daarin een zeer gevaarlijke cocktail van verdovingsmiddelen in de handen van leken leggen, vinden wij erg onverantwoord”

Hier ligt het knelpunt en begint het grote debat rond green hunting. Want hoewel green hunting in Zuid-Afrika is verboden, is het doden van (bedreigde) dieren bij trofeejachten nog wel steeds toegestaan. Het is eigenlijk kiezen tussen twee kwaden. Trofeejachten kunnen tot gevolg hebben dat er straks diersoorten gaan uitsterven. Maar green hunts kunnen ook niet gezien worden als een beter alternatief. Wat moeten we nu? De jacht op de Big Five is nog steeds mateloos populair. Een optie is om green hunting te onderwerpen aan betere regels waarbij wordt vastgesteld dat het alleen plaats mag vinden gekoppeld aan wetenschappelijk onderzoek en het aantal darts per dier gelimiteerd wordt. Terwijl ik over dit dilemma nadenk, realiseer ik me dat het een lastige opgave gaat worden om de jacht helemaal te stoppen, omdat mensen er plezier in blijven houden om dieren neer te schieten, of dat nou met een dodelijk of verdovend geweer is. Ik bekijk foto’s van mensen poserend met een geweer en een enorme glimlach naast een wat onnatuurlijk liggende, dode olifant. De bloedwond is zo goed mogelijk gemaskeerd. De olifant is enorm, misschien wel net zo groot als het mannetje dat in Addo Elephant Park langzaam de groep met vrouwtjes en jongen volgde. Een onaangenaam gevoel bekruipt me omdat een olifant levend toch vele malen mooier is dan dood.

Vivian Lammerse (1993) is een bijna afgestudeerd journaliste en heeft een grote passie voor natuur, klimaat en reizen. Twee maanden verbleef zij in Zuid-Afrika om inspiratie op te doen voor milieu-gerelateerde verhalen die ze de komende weken zal onthullen.