En een flinke scheur in de gletsjertong wijst erop dat er een nieuwe afkalving aan zit te komen.

Mocht de scheur daadwerkelijk leiden tot de geboorte van een nieuwe ijsberg, dan zou de gletsjer – die de laatste jaren al verschillende ijsbergen baarde – in één klap een enorm stuk ijs kwijtraken. Het zou waarschijnlijk betekenen dat de gletsjer nog sneller gaat stromen. Dat schrijven Duitse onderzoekers in het blad Journal of Geophysical Research: Earth Surface.

Versnelling
De Petermann-gletsjer bevindt zich in het noordwesten van Groenland. Satellietbeelden onthullen dat de gletsjer in de laatste tien jaar aanzienlijk sneller is gaan stromen. “De satellietgegevens laten zien dat de Petermann-gletsjer in de winter van 2016 met een snelheid van zo’n 1135 meter per jaar stroomde,” vertelt onderzoeker Niklas Neckel. “Dat is een versnelling van zo’n tien procent in vergelijking met de winter van 2011. En wij vroegen ons af wat de oorzaak van die versnelling is.”


De oorzaak
Een uitgebreid onderzoek volgde en wees uit dat de versnelling te herleiden is naar het verlies van een flinke ijsberg in 2012. “Onderweg naar zee wrijven de ijsmassa’s van de gletsjer langs de rotsachtige wanden die het fjord links en rechts omsluiten,” legt onderzoeker Martin Rückamp uit. “Als een grote ijsberg loskomt van het puntje van de gletsjertong, neemt de lengte van die gletsjertong af, net als de lengte van de route waarbij ijsmassa’s tegen het gesteente schuren. Dat beperkt weer het remmende effect dat dit gesteente op de gletsjer heeft en daardoor gaat de gletsjer sneller stromen.”

Hier zie je de drijvende gletsjertong. Links de afkalving die in 2012 plaatsvond. Rechts de huidige situatie: een gletsjertong met diverse scheuren. Afbeelding: ASTER-Sentinel 2.

Het effect van een nieuwe afkalving
Computermodellen wijzen nu uit dat een nieuw afkalving waarschijnlijk tot een verdere versnelling van de Petermann-gletsjer zou leiden. Waarschijnlijk hebben we het dan over een versnelling die vergelijkbaar is met de versnelling die in de afgelopen tien jaar is opgetreden. “We kunnen niet voorspellen wanneer de Petermann-gletsjer weer afkalft en of een afkalving daadwerkelijk plaats gaat vinden langs de scheuren die we nu zien,” benadrukt Rückamp. “Maar we kunnen rustig aannemen dat de gletsjertong, als het tot een nieuwe afkalving komt, zich flink terug zal trekken en het stabiliserende effect van de wanden van het fjord kleiner zal worden.”

Wat betekent het?
Grote vraag is nu natuurlijk welke ontwikkelingen ten grondslag liggen aan de veranderingen die de Petermann-gletsjer momenteel doormaakt. “We weten nu dat het verlies van ijsbergen de stroomsnelheid van de gletsjer vergroot,” aldus Neckel. “In aanvulling daarop hebben we gezien dat er frequenter afkalvingen plaatsvinden. Maar de vraag of deze veranderingen te wijten zijn aan de warmere atmosfeer boven Groenland of warmer zeewater, kunnen we niet beantwoorden met behulp van satellietdata.” Hoewel dus onduidelijk is waarom de Petermann-gletsjer zich zo gedraagt, moeten we de veranderingen hoe dan ook nauwlettend in de gaten houden. De onderzoekers wijzen erop dat de gletsjers in het gebied waar de Petermann-gletsjer zich bevindt tot voor kort – in tegenstelling tot gletsjers in het zuidoosten en -westen van Groenland vrij stabiel waren. Maar dat lijkt te veranderen.

En dat is een serieus signaal als je bedenkt dat de Groenlandse ijskap een behoorlijke bijdrage kan leveren aan het stijgen van de zeespiegel (op dit moment is de ijskap al verantwoordelijk voor een jaarlijkse zeespiegelstijging van zo’n 0,7 millimeter). Sinds 2002 heeft de Groenlandse ijskap al zo’n 286 miljard ton ijs verloren. Het is met name te wijten aan zomerse smelt aan het oppervlak van de ijskap. Daarnaast kalven er ook steeds meer ijsbergen af. Dat kan komen door door de toename van smelt aan het oppervlak: smeltwater sijpelt door scheuren in de ijskap en komt op de onderliggende bodem terecht, waar het dienst doet als een soort smeermiddel en de gletsjer sneller laat stromen, waardoor de gletsjertong langer wordt en dus een grotere kans heeft om ijsbergen te baren. Maar ook warmer zeewater kan een rol spelen doordat het de gletsjertongen van onderaf aantast.