Bruine Anolis Hagedis

Wetenschappers hebben voor het eerst gezien hoe het stichter effect en natuurlijke selectie samen hun stempel drukken op een soort.

Toen orkaan Francis in het jaar 2004 de Caribische hagedis uitroeide zag bioloog Manuel Leal zijn kans om de evolutie te bestuderen. De Caribische hagedis leefde op kleine eilandjes vlakbij de Bahama’s. De poten van het beestje waren erg kort in vergelijking met de bruine anolis hagedis die op een nabijgelegen, groter eiland leeft. Deze hagedis heeft vrij lange poten om zo de hoge bomen op het eiland te kunnen beklimmen.

Paren
Samen met collega’s nam Leal een aantal van deze hagedissen van het grotere eiland en zette hen in paren op de zeven eilandjes, waar zich alleen lage planten bevinden. Ieder jaar kwamen de wetenschappers terug om de poten van de hagedissen te observeren. Zij kwamen tot een verrassende conclusie: de poten van de reptielen waren enigszins verkleind maar werden niet zo klein als de poten van de Caribische hagedis. Op het eiland waar de hagedissen de langste poten bezaten had het nageslacht nog steeds de langste poten. Hetzelfde namen de wetenschappers waar bij de hagedissen die aan het begin van het experiment de kortste poten hadden. Bij de rest van de hagedissen verschilde de lengte: bij de een waren ze wat korter en bij de ander weer wat langer. Dit betekent dat zowel het stichter effect als de natuurlijke selectie hebben meegespeeld in de huidige veranderingen van de soort.

Bijzonder
De uitkomst is bijzonder: als een aantal individuen van een grotere populatie zich voortplant in een nieuwe leefomgeving resulteert dit meestal in een nieuwe soort die genetisch en morfologisch anders is. Bij de bruine anolis hagedis blijven de kenmerken van de grondlegger zichtbaar.

Een volgende stap in het onderzoek is om te zien hoe lang de kenmerken van de originele soort te zien blijven.