Wetenschappers dachten dat het luisteren naar klassieke muziek de cognitieve functies met name bij kinderen een boost geeft. Er werden zelfs wetten gesmeed die ervoor moesten zorgen dat peuters op het kinderdagverblijf Mozart te horen kregen. Tevergeefs; het Mozart-effect bestaat namelijk niet.

Wetenschappers Jakob Pietschnig, Martin Voracek en Anton K. Formann bestudeerden alle literatuur die er over het Mozart-effect verschenen is en kunnen niet anders concluderen dan dat de klassieke muziek weinig tot niets met onze cognitieve functies doet. “Ik raad iedereen aan om naar Mozart te luisteren, maar het zorgt er niet voor dat de cognitieve functie een boost krijgt,” zo merkt Pietschnig op.

Psycholoog Frances H. Rauscher ontdekte het Mozart-effect in 1993. Hij deelde zijn groep proefpersonen in drieën. De ene groep luisterde naar Mozart, de andere naar relaxte muziek en de derde groep zat in stilte. Daarna deden alle proefpersonen een testje. De proefpersonen die naar Mozart hadden geluisterd, deden het testje – dat de ruimtelijke intelligentie moest meten – een stuk beter.

Al snel gingen de resultaten van Rauscher een eigen leven leiden. Veel media generaliseerde de berichtgeving door te stellen dat het luisteren naar Mozart tot een hoger IQ leidde. Maar daar was – ook in de ogen van Rauscher – geen sprake van.

Het nieuwe onderzoek neemt alle laatste twijfels definitief weg: het Mozart-effect bestaat echt niet!