Wetenschappers wijzen 12 regio’s in ons DNA aan die beïnvloeden op welke leeftijd we ons eerste kind krijgen en hoeveel kinderen we in totaal verwelkomen.

Tot voor kort werd aangenomen dat het voortplantingsgedrag van mensen voornamelijk werd ingegeven door persoonlijke keuzes, sociale omstandigheden en omgevingsfactoren. Maar nu blijkt ons voortplantingsgedrag dus ook een biologische basis te hebben. Dat is te lezen in het blad Nature Genetics. Onderzoekers baseren hun conclusies op 62 datasets met daarin de informatie van honderdduizenden mannen en vrouwen. Aan het onderzoek werkten meer dan 250 sociologen, biologen en genetici mee, waaronder ook Nederlandse wetenschappers.

In veel geïndustrialiseerde landen krijgen vrouwen hun eerste kind op steeds latere leeftijd. In die landen was het in de jaren zeventig nog heel normaal om rond je 24e je eerste kind te verwelkomen. Tegenwoordig krijgen vrouwen in veel geïndustrialiseerde landen hun eerste kind pas rond hun 29e. Het uitstellen van het ouderschap werd altijd in verband gebracht met sociale, economische en culturele omgevingsfactoren (bijvoorbeeld de sociaal-economische status). Aan eventuele genetische of biologische factoren is tot op heden weinig aandacht besteed.

De kleine rol van onze genen
In totaal rollen uit het onderzoek 12 regio’s die van invloed zijn op de leeftijd waarop we ons eerste kind krijgen en het totale aantal kinderen dat we gedurende ons leven verwelkomen. Die twaalf regio’s samen kunnen voor ongeveer 1 procent verklaren waarom er grote verschillen zijn tussen de leeftijden waarop verschillende mensen hun eerste kind krijgen. En de twaalf regio’s kunnen voor 0,2 procent verklaren waarom er grote verschillen zijn tussen het aantal kinderen dat verschillende mensen krijgen. “Onze genen bepalen niet ons (voortplantings-, red.)gedrag, maar voor het eerst hebben we delen van de DNA-code geïdentificeerd die er wel op van invloed zijn,” stelt onderzoeker Nicola Barban.

Seksuele ontwikkeling
Het onderzoek toont onder meer aan dat DNA-varianten die samenhangen met de leeftijd waarop mensen hun eerste kind krijgen ook geassocieerd kunnen worden met andere kenmerken die een beeld geven van de seksuele ontwikkeling. Je moet dan bijvoorbeeld denken aan de leeftijd waarop meisjes voor het eerst ongesteld worden. Of het moment waarop jongens de baard in de keel krijgen. “Het is echter belangrijk om dit in het juiste perspectief te plaatsen,” stelt onderzoeker Melinda Mills, verbonden aan de universiteit van Oxford. “Want het krijgen van een kind hangt ook sterk af van vele sociale factoren en omgevingsfactoren die altijd een grotere rol zullen spelen in of en wanneer we kinderen zullen krijgen.”

Het onderzoek
De onderzoekers baseren hun conclusies over de leeftijd waarop mannen en vrouwen hun eerste kind krijgen op de gegevens van 238.064 mannen en vrouwen. De conclusies omtrent het aantal kinderen dat mannen en vrouwen krijgen, zijn gebaseerd op de gegevens van bijna 330.000 mannen en vrouwen. Tien van de twaalf regio’s die samen bleken te hangen met voortplantingsregio’s zijn niet eerder met de voortplanting van de mens in verband gebracht.

Het onderzoek is – ondanks dat de genen maar een relatief kleine rol spelen – belangrijk, zo legt Mills uit. “Voor het eerst weten we nu waar we de delen van het DNA die verband houden met het voortplantingsgedrag kunnen vinden. Zo ontdekten we bijvoorbeeld dat vrouwen met DNA-varianten die samenhangen met het uitstellen van het ouderschap ook stukjes DNA bezitten die geassocieerd worden met het later beginnen van de menstruatie en menopauze. Op een dag kan het weleens mogelijk worden om deze informatie te gebruiken, zodat artsen de belangrijke vraag: “Hoelang kun je nog wachten (met het krijgen van kinderen, red.)” op basis van DNA-varianten kunnen beantwoorden.”