Een nieuw bedrijf is voornemens de wolharige mammoet tot leven te wekken en in te zetten om de meest zorgwekkende gevolgen van klimaatverandering die nu al in het Arctisch gebied optreden, tegen te gaan.

Op Wrangel-eiland is klimaatverandering geen ver-van-mijn-bed-show. Het eiland ligt in de Noordelijke IJszee en bevindt zich daarmee in het hart van het Arctisch gebied, waar de opwarming van de aarde veel sneller verloopt dan elders. Dat komt vooral tot uiting in het afsmelten van zee-ijs en het ontdooien van permafrost: de tot voor kort vrijwel permanent bevroren bodem. Behalve krachtige broeikasgassen geeft de ontdooiende permafrost op Wrangel-eiland ook heel andere zaken vrij: botten en slagtanden van wolharige mammoeten bijvoorbeeld. “Aangenomen wordt dat Wrangel-eiland zo’n 4000 jaar geleden – dus toen in Egypte de piramides verrezen – de laatste wolharige mammoeten herbergde,” zo vertelt Carl Königel, ecosysteemexpert bij de Nederlandse tak van de International Union for Conservation of Nature (IUCN).

Terug van weggeweest
Ook deze laatsten van hun soort stierven en daarmee was de wolharige mammoet geschiedenis. Maar het nieuwe bedrijf Colossal is vastbesloten daar verandering in brengen. Met behulp van gentechnologie wil het bedrijf de wolharige mammoet tot leven brengen en weer uitzetten in zijn oorspronkelijk leefgebied. Niet zozeer als een bezienswaardigheid, maar als een oplossing voor het klimaatprobleem.

Hoe dan?
In de hoogtijdagen van de wolharige mammoet zag het Arctisch gebied er heel anders uit dan nu. Waar het gebied tegenwoordig vrij open dennenbossen kent, waren hier in de tijd van de mammoeten vooral graslanden te vinden. “Op dit moment is het voornamelijk toendra en taiga, maar daarvoor was het steppe,” vertelt Königel. “En nu zien we dus dat het gebied onder invloed van klimaatverandering weer verandert en die veranderingen gaan in het Arctisch gebied heel hard.” De eerder al even genoemde ontdooiende permafrost is daar een goed zichtbaar, maar bovendien zeer zorgwekkend gevolg van. “Permafrost bevat methaan en dat is een sterk broeikasgas. Wanneer permafrost ontdooit, komt methaan vrij. Op sommige plekken borrelt het letterlijk omhoog en dat is zorgelijk.”

Bij Colossal denken ze er net zo over. En daarom willen ze de wolharige mammoet terughalen. Het enorme beest moet ervoor zorgen dat het Arctische landschap weer transformeert tot een door grassen gedomineerde mammoetsteppe. Omdat het gras lichter van kleur is dan de donkere dennenbossen absorbeert het minder zonlicht en dus warmte, waardoor sneeuw niet zo snel wegsmelt en langduriger zonlicht (en dus warmte) reflecteert. En dat zou volgens Colossal tot lokale afkoeling en dus behoud van permafrost leiden. Daarnaast kunnen de mammoeten zelf ook helpen om de permafrost te beschermen. Op de website van Colossal is te lezen dat men verwacht dat de mammoeten ‘s winters tijdens het begrazen van de graslanden de sneeuw weg moeten schuiven, waardoor koude lucht de onderliggende permafrost kan bereiken en koelen. Daarnaast zouden de mammoeten met hun enorme gewicht de bodem goed aanstampen, wat ook weer bij zou dragen aan behoud van permafrost.

Wolven
De mammoet als natuurhersteller en -beschermer. Hoe aannemelijk is dat? We moeten de impact die een enkele diersoort op een ecosysteem en landschap heeft, zeker niet onderschatten, vindt Königel. Als voorbeeld haalt hij de wolf aan die na jaren van afwezigheid in 1995 weer in het Amerikaanse Yellowstone is geïntroduceerd. “De wolven gingen jagen op herten. Die herten begrazen weer zaailingen van bomen. Door de wolven gingen herten bepaalde plekken vermijden waardoor het bos zich herstelde en er meer vogels en bevers kwamen. Erosie verminderde doordat de boomwortels de bodem vasthielden en beverdammen creëerden poelen geschikt voor vissen, otters en amfibieën. En zo veranderde de dynamiek in het ecosysteem behoorlijk.” Eén soort kan het functioneren van een ecosysteem dus heel sterk beïnvloeden. Dat gezegd hebbende, heeft Königel echter wel zijn twijfels over het radicale plan van Colossal. Er zijn namelijk nogal wat losse eindjes. Want waar we van een hedendaagse soort als de wolf goed kunnen onderzoeken hoe deze een ecosysteem beïnvloedt, is dat voor een uitgestorven soort lastig met zekerheid te zeggen. “We weten niet eens hoe het ecosysteem waar deze vroeger deel van uitmaakte er uitzag.” Laat staan dat we nauwkeurig kunnen voorspellen hoe de introductie van deze soort in een gebied dat zowel ecologisch als klimatologisch heel anders is dan in de gloriedagen van de wolharige mammoet, gaat uitpakken.

Het bedrijf Colossal ziet het zonnig in en verwacht dat de wolharige mammoet de toendra en taiga kan transformeren tot graslanden en de permafrost voor ontdooiing kan behoeden. Maar dat zijn volgens Königel slechts veronderstellingen. “Je kunt het niet onderzoeken, omdat de mammoet nergens meer voorkomt.” En zelfs als de wolharige mammoeten hun ecosysteem en leefgebied precies zo beïnvloeden als Colossal verwacht, moeten we niet onderschatten hoeveel mammoeten er nodig zijn om de beoogde effecten te realiseren. “Als je wilt dat mammoeten de bodem aanstampen om de permafrost bevroren te houden, heb je al snel honderdduizenden dieren nodig.” En dat roept weer nieuwe – lastig of zelfs onmogelijk te beantwoorden – vragen op. “Kun je er zoveel voortbrengen? En heeft het landschap wel voldoende voedsel te bieden? Hoe gaat dit samen met de mensen die er wonen?” Königel is duidelijk niet heel enthousiast over het plan van Colossal. “Ik vind het ecologisch gezien een vrij roekeloos idee.”

Richtlijnen
Het wil niet zeggen dat het terugbrengen van uitgestorven soorten per definitie onwenselijk is. Maar het is wel iets waar je vooraf heel kritisch over na moet denken, vindt Königel. In 2016 heeft de IUCN daarom richtlijnen gepubliceerd gericht op zogenoemde de-extinctie. “Zonder er een waardeoordeel over uit te spreken, heeft IUCN een aantal zaken op papier gezet waar je tegenaan loopt als je uitgestorven dieren weer tot leven wekt.” Zo loop je het risico dat je met deze dieren ook (oude) ziektes in een ecosysteem introduceert of dat ecosysteem op een onverwachte en onwenselijke manier beïnvloedt. “Ook hybridisatie (waarbij het voormalig uitgestorven dier zich kruist met nauwverwante hedendaagse soorten, red.) is een factor om rekening mee te houden, al zal dat bij de wolharige mammoeten niet aan de orde zijn; de Indische olifant zit veilig achter de Himalaya.” En zo zijn er nog veel meer zaken om in overweging te nemen alvorens men een wolharige mammoet – of andere uitgestorven soorten – nieuw leven in blaast. “Het is natuurlijk een spannend idee, maar je moet goed oppassen.”

En tenslotte is het natuurlijk ook altijd de vraag of alle risico’s die men met de introductie van een eerder uitgestorven soort neemt, opwegen tegen de (vermeende) voordelen daarvan. In het geval van de wolharige mammoet is dat twijfelachtig. “Klimaatverandering is een serieus probleem,” benadrukt Königel. “Maar we weten wat we eraan kunnen doen.” Het lijstje met te nemen maatregelen wordt natuurlijk aangevoerd door het terugdringen van de uitstoot. “Maar daarnaast is het bijvoorbeeld ook belangrijk om bossen te behouden en herstellen.” Het terugbrengen van de wolharige mammoet hoort wat Königel betreft zeker niet op het lijstje met klimaatmaatregelen thuis. “Het is een peperduur en roekeloos experiment en we hoeven ons er niet blind op te staren als oplossing voor het klimaatprobleem.”

Het lijkt dus niet reëel dat de wolharige mammoet het Arctisch gebied kan transformeren en behoeden voor verdere – door antropogene klimaatverandering ingegeven – veranderingen. Maar is het wel reëel dat wetenschappers de wolharige mammoet terug gaan brengen? We vroegen het ontwikkelingsbioloog Bernard Roelen. Lees hier hoe hij erover denkt!