De wateren rondom het Antarctisch Schiereiland warmen op en beginnen nu ook aantrekkelijk te worden voor koningskrabben. Dat blijkt uit onderzoek van Amerikaanse en Zweedse wetenschappers. Zij houden hun hart vast: de koningskrab komt al 40 miljoen jaar niet meer op de zuidpool voor en de ecosystemen daar zijn zeker niet bestand tegen de grijpgrage dieren.

De onderzoekers hebben tijdens hun expeditie naar de zuidpool vele foto’s gemaakt. Op de foto’s is duidelijk te zien hoe honderden krabben steeds dichter naar de ondiepere wateren om het schiereiland heen bewegen. “Langs het westelijk deel van het Antarctisch Schiereiland hebben we enorme populaties gevonden,” vertelt onderzoeker Sven Thatje.

Te koud
En dat is verontrustend. De afgelopen veertig miljoen jaar was het gebied veel te koud voor de dieren. De organismen die in de wateren leven, kennen het gevaar van de krabben niet en hebben de defensie niet om zich te beschermen tegen de ijzersterke scharen van de dieren. Zo beschikken de schaaldieren in dit gebied over relatief dunne schalen: waarom zouden ze investeren in een dikker schild? Er waren toch geen vijanden die er doorheen konden prikken. Maar de koningskrab kan dat wel.

Schaaldieren
“De schaaldieren op de zuidpool zijn heel uniek. Dat is het resultaat van miljoenen jaren evolutie in een geïsoleerd gebied.” Ze leven op grotere diepte en worden daar vrijwel niet bedreigd door grote roofdieren. Dat komt doordat het water aan de oppervlakte hier in tegenstelling tot andere wateren kouder is. Er zijn maar weinig dieren die die kou prettig vinden en dus zitten de dieren in een soort vacuüm. Probleem is alleen dat de koningskrabben daar wellicht doorheen gaan prikken.

Haast
Dat de koningskrabben zouden komen, is niet verrassend. Thatje voorspelde dat enige jaren geleden al. Maar dat ze zo’n haast zouden hebben om in het gebied te komen: dat is verbazingwekkend. Het lijkt erop dat het klimaat de dieren aanmoedigt. De luchttemperatuur in het gebied is sinds de jaren ’50 met zo’n zes graden Celsius gestegen. En de temperatuur van de oceaan steeg in diezelfde periode één graad. En dat is genoeg voor de krabben om hun leefgebied te vergroten. “Als je naar de trends op het schiereiland kijkt dan zou je verwachten dat de krabben binnen veertig tot vijftig jaar terug zouden keren,” meent onderzoeker Rick Aronson. “Maar – boem – ze zijn er al.”

Het is nog onduidelijk of de krabben van plan zijn om het gebied te koloniseren of dat hun verblijf maar van korte duur is. Ook moet nog blijken of ze ecosystemen compleet verwoesten of subtieler te werk zullen gaan.