Als je een weekdier bent, tenminste.

Dat suggereert een grootschalige studie van fossiele en bestaande weekdieren gepubliceerd in het tijdschrift Proceedings. De onderzoekers analyseerden de stofwisselingssnelheid van 299 verschillende soorten weekdieren. En hieruit blijkt dat hoe lager het metabolisme, hoe groter de kans op overleving.

Gemeenschappen

De onderzoekers namen ook de stofwisselingssnelheid van gemeenschappen van weekdieren onder de loep. Hoewel je zou verwachten dat de stofwisseling op dit niveau in de loop van de tijd zou veranderen, bleek dit juist niet het geval te zijn. In plaats daarvan blijft de gemiddelde energieopname gedurende miljoenen jaren hetzelfde, ondanks tal van uitstervingen.

Stofwisseling
De onderzoekers bestudeerden een periode van ongeveer vijf miljoen jaar, vanaf het midden van het Plioceen tot het heden. “We vonden een verschil in weekdiersoorten die uitgestorven zijn in de afgelopen vijf miljoen jaar, en de soorten die vandaag de dag nog steeds bestaan,” zegt onderzoeker Luke Strotz. “De weekdieren die zijn uitgestorven hadden doorgaans een hogere stofwisseling dan de soorten die nu nog leven.”

Luiheid
Dit betekent dat luiere soorten dus eerder overleven dan organismen met hogere metabole snelheden. “Misschien is luiheid de beste evolutionaire strategie voor dieren om te overleven,” stelt onderzoeker Bruce Lieberman. “In plaats van ‘het recht van de sterkste’ gaat misschien ‘het recht van de luiste’ beter op.”

Op de foto is de tweekleppige soort Arcinella cornuta afgebeeld, onderdeel van de stofwisselingsstudie. Afbeelding: Hendricks, J. R., Stigall, A. L., and Lieberman, B. S. 2015.

Implicaties
Volgens de onderzoekers kan hun werk ook een voorspelling doen over welke soorten de grootste kans lopen om op korte termijn te verdwijnen, in het licht van de dreigende klimaatverandering. “In zekere zin kijken we naar een potentiële voorspeller van de uitstervingskans,” legt Strotz uit. “Natuurlijk zijn er veel factoren in het spel. Maar onze resultaten laten zien dat de stofwisselingssnelheid van een organisme onderdeel is in de waarschijnlijkheid dat een dier het overleeft of niet.”

Leefomgeving
Ook de leefomgeving speelt een rol in de kwestie. Zo blijkt dat wanneer een weekdier in een kleinere omgeving leeft, de stofwisselingssnelheid een betere indicator was voor de uitstervingskans, dan wanneer een soort zich over een breed geografisch gebied verspreidde. “We ontdekten dat de relatie tussen het metabolisme en het uitsterven minder aanwezig was bij soorten die in een groot gebied leven,” aldus Strotz. “De grootte van de leefomgeving is een belangrijk onderdeel in de waarschijnlijkheid dat een soort uitsterft. En dieren die in kleinere leefgebieden leven lijken eerder uit te sterven. Dus als je dan ook nog een hogere stofwisseling hebt, is de kans op uitsterven extra verhoogd.”

De reden dat de onderzoekers in de studie weekdieren bestudeerden, is dat er over deze soort voldoende beschikbare gegevens voor handen zijn. Echter zeggen de onderzoekers dat de resultaten ook voor andere soorten binnen het mariene rijk kunnen gelden. “Een volgende stap is om te onderzoeken of de resultaten ook op gaan bij andere groepen,” stelt Strotz.