Marokkaans-Nederlandse jongeren blijken op precies dezelfde manier boos te worden als Nederlandse jongeren: emotie-integratie.

Die conclusie trekt Sheida Novin van de Universiteit van Leiden. Ze verzamelde Hollandse, Marokkaans-Nederlandse en Marokkaanse jongeren en vroeg ze om te noteren hoe zij op conflicten zouden reageren. Uit het onderzoek blijkt dat Nederlandse en Marokkaans-Nederlandse jongeren op dezelfde manier boos worden. Dat geldt zowel voor Marokkaans-Nederlandse jongeren die zichzelf vooral Marokkaan als voor jongeren die zichzelf vooral Nederlander voelen.

Botsing
Een voorbeeldje. Hoe reageren de jongeren als iemand van hun eigen leeftijd tegen ze aanbotst en een milkshake op hun nieuwe schoenen laat vallen? Zowel de Hollandse als de Marokkaans-Nederlandse jongeren reageerden op dezelfde manier: direct en assertief. De Marokkaanse jongeren reageerden heel anders: indirect en subtiel.

WIST U DAT…

…uw emotionele intelligentie piekt na uw zestigste verjaardag?

Klopt niet
“Het beeld bestaat dat Marokkaans-Nederlandse jongeren in conflictsituaties hun emoties minder goed reguleren dan Nederlandse jongeren,” vertelt Novin. “Uit ons onderzoek blijkt dat dit niet klopt.” Er was ook geen verschil in boosheid tussen de jongeren. Beide groepen werden naar aanleiding van bepaalde conflicten even boos.

Schuld
Novin bestudeerde ook de emoties van jongeren die zelf een fout hadden gemaakt. Ze ontdekte dat ook hierbij de emoties van Marokkaans-Nederlandse en Nederlandse jongeren op elkaar leken. Zo voelden jongeren uit deze twee groepen zich vaker schuldig dan Marokkaanse jongeren. Volgens Novin komt dat doordat de Nederlandse cultuur heel individualistisch is. Marokkaanse jongeren hebben minder last van een schuldgevoel, maar meer van schaamte. Dat zou weer te maken hebben met de Marokkaanse cultuur die een stuk socialer is.

Het onderzoek van Novin werd mede mogelijk gemaakt door de Mozaïeksubsidie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

Bovenstaande afbeelding is gemaakt door Cathy (cc via Flickr.com).