In 1997 neemt de Braziliaanse voetballer Roberto Carlos wellicht de mooiste en meest besproken vrije trap ooit. De bal vliegt met een fraaie boog om de verdediging heen en belandt in het net. De Franse keeper kijkt hulpeloos toe. Heel Frankrijk houdt het erop dat het puur geluk was. Maar wetenschappers bewijzen nu dat het heel anders zit.

De vrije trap vond plaats tijdens een vriendschappelijke wedstrijd tussen Brazilië en Frankrijk. Nu, dertien jaar later, zijn het ironisch genoeg Franse wetenschappers die de goal nog eens onder de loep namen. En ze rekenen af met de aanname dat het een gelukstreffer was die met een beetje hulp van de wind of god zelf in het net belandde.

Zwaartekracht
“Wij hebben aangetoond dat het pad van een ronddraaiende bol een spiraal vormt,” legt onderzoeker Christophe Clanet uit. “Op een echt voetbalveld zullen we iets zien dat in de buurt komt van deze ideale spiraal, maar de zwaartekracht verandert dit. Maar als je hard schiet – zoals Carlos deed – kun je het effect van de zwaartekracht minimaliseren.”

35 meter
Het cruciale aspect was de afstand tussen het doel en Carlos. Deze bedroeg 35 meter. “Als de afstand te klein is, zie je alleen het eerste deel van de bocht. Maar als de afstand groot is, zoals bij Carlos’ trap, zie je de kromming toenemen.” In theorie zou de bal van Carlos wanneer deze niet door het doel zou zijn stilgelegd zijn kromming hebben afgemaakt totdat – als de snelheid en zwaartekracht dat toestaat – een soort spiraal ontstaat.

En dan ontstaat zo’n rare bocht die op het eerste gezicht in strijd is met alle fysische wetten die in de wetenschap zo heilig zijn. De onderzoekers hebben er een vergelijking van gemaakt. In theorie moet elke voetballer nu – wanneer hij over de juiste variabelen beschikt – dezelfde vrije trap kunnen nemen.