Wat de zeeslang daar precies uitspookt, is nog een raadsel.

Zeeslangen komen normaal gesproken voor in ondiepe, tropische wateren. Maar onderzoekers hebben nu een zeeslang gespot met een waar duiktalent. Het dier kan wel een diepte van 245 meter bereiken. Hiermee werd het oude duikrecord van 133 meter dat op naam stond van een andere zeeslang, verbroken.

Lucht happen
Zoals gezegd worden zeeslangen voornamelijk aangetroffen in ondiepe tropische wateren in de Indische en Stille Oceaan. Het liefst vertoeven ze in de buurt van koraalriffen of bij riviermondingen. “Zeeslangen werden verondersteld tussen de 50 en 100 meter diepte te kunnen duiken omdat ze regelmatig naar het zeeoppervlak moeten zwemmen om naar lucht te happen,” zegt onderzoeksleider van de studie Jenna Crowe-Riddell. “We waren daarom zeer verrast om een zeeslang op enorme diepte aan te treffen.”


Beelden
Het nieuwe record van de getalenteerde zeeslang is op beeld vastgelegd. Ook troffen de onderzoekers een andere zeeslang aan die een diepte van 239 meter wist te bereiken. Beide slangen lijken tot dezelfde soort te behoren. “In sommige beelden is de slang op zoek naar voedsel door zijn hoofd in holtes in de zanderige bodem te steken,” zegt Crowe-Riddell. “Maar we weten niet wat voor soort vis ze daar zoeken of hoe ze ze vinden in het donker.”

Zeeslang schuivend over de bodem op 245 meter diepte. Afbeelding: INPEX-operated Ichthys LNG Project

Duikziekte
De slang lijkt ook fysiologisch prima op zo’n diepte te gedijen. En dat is best bijzonder. Want het duiken naar enorme dieptes kan ook een aanslag zijn op het lichaam. “We weten al langer dat zeeslangen goed kunnen omgaan met duikziekte,” zegt Crowe-Riddell. Zo kunnen de zeeslangen via de huid als het ware gas uit- en inademen. “Ik heb echter nooit vermoed dat dit vermogen ervoor zorgt dat zeeslangen naar immense diepte kunnen duiken.”

Het is dan ook een buitengewone prestatie. De slang bereikte de zogenoemde schemerzone; een zone die zich tussen de 200 en 100 meter diepte bevindt. Slechts een kleine hoeveelheid licht dringt tot deze diepte door. Hierdoor groeien er nauwelijks planten en komt er niet zoveel leven voor.