Zowel gezonde, als verbleekte zeeanemonen verwarren het plastic voor voedsel.

Over de oceanen drijven biljoenen stukjes plastic die bij elkaar zo’n 250.000 ton wegen. Een deel van dit plastic zijn microvezels; hele kleine stukjes plastic die vrijkomen na het wassen van synthetische kleding of afkomstig zijn van touwen en netten die door de oceaan worden opgeslokt. Microvezels komen voor in alle zeeën en beginnen langzamerhand in vis en schaaldieren te verschijnen die door mensen opgegeten worden. Maar uit een nieuwe studie blijkt dat ook zeeanemonen zich soms vergissen en microvezels opeten.

Zeeanemonen
“Plastic vervuiling is een serieus en groeiend probleem voor onze oceanen en de dieren die erin leven,” zegt onderzoeker Romanó de Orte. In de nieuwe studie wilden de onderzoekers gaan begrijpen hoe deze verontreinigende stoffen fragiele koraalriffen aantasten. En omdat zeeanemonen nauw verwant zijn aan koralen, besloten de onderzoekers de effecten van microvezels op deze diertjes in het laboratorium verder te onderzoeken.


Verbleking
De onderzoekers richtten zich op drie verschillende soorten microvezels: nylon, polyester en polypropyleen. Vervolgens bekeken ze wat er gebeurde als ze deze vezels aanboden aan zowel gezonde, als verbleekte zeeanemonen. Als gevolg van stijgende oceaantemperaturen, krijgen veel koraalriffen te maken met verbleking. Daarom wilden de onderzoekers gaan begrijpen of verbleekte zeeanemonen misschien anders op microvezels reageren.

Wist je dat…

…koraalriffen op de evenaar minder gevoelig lijken te zijn voor verbleking? De koralen lijken zich aan te passen aan hogere oceaantemperaturen.

Opeten
De microvezels werden zowel afzonderlijk aan de zeeanemonen verstrekt, als gemengd met artemia; een klein garnaalachtig diertje uit het geslacht van pekelkreeftjes. Deze diertjes staan normaal gesproken op het menu van de zeeanemoon. En de onderzoekers deden een opvallende ontdekking. Toen de onderzoekers alleen nylon aanboden, nam een kwart van de gezonde zeeanemonen de microvezels op. Echter lieten ze polyester en polypropyleen links liggen. Mengden de onderzoekers de microvezels met artemia, dan at ongeveer 80 procent van de gezonde anemonen alle drie de microvezels op.

Verbleekte zeeanemonen
Verbleekte zeeanemonen reageerden iets gretiger. Boden de onderzoekers afzonderlijk de microvezels aan, dan consumeerde 60 procent nylon en 20 procent polyester. Gemengd met artemia, deed wederom 80 procent van de zeeanemonen zich te goed aan alle drie de microvezels.

De microvezels kwamen er zowel bij de gezonde, als bij verbleekte zeeanemonen ook weer uit. Echter duurde dit net iets langer bij de verbleekte anemonen. Bij beide zeeanemonen waren de microvezels op de derde dag uit hun systeem verdwenen. In een natuurlijke omgeving worden de zeeanemonen echter voortdurend blootgesteld aan nieuwe microvezels. Hierdoor worden ze eigenlijk continu met de stoffen besmet. “Wanneer riffen verbleken, zullen de organismen eerder plastic microvezels eten en vasthouden,” concludeert onderzoeker Ken Caldeira. “Het lijkt erop dat de effecten van het broeikaseffect en de vervuiling van de oceaan niet alleen bij elkaar op worden geteld, maar ook met elkaar vermenigvuldigd worden.”