Wetenschappers hebben nabij het Duitse plaatsje Zeitz een 35.000 jaar oude werkplaats teruggevonden. In de werkplaats werd het ivoor van mammoeten verwerkt en onder meer tot kralen gemaakt. Het is een unieke vondst: nog nooit werd zo’n oude ivoorwerkplaats teruggevonden.

De onderzoekers hebben bewijzen gevonden dat in de werkplaats stukken ivoor in laagjes werden gehakt. Ook vonden ze bewijzen terug dat het ivoor elders weer tot allerlei vormen werd uitgesneden.

Objecten
In de werkplaats werden ook enkele ivoren objecten teruggevonden. Bijvoorbeeld ivoren kralen en enkele objecten die nog niet helemaal af waren. Ook troffen de onderzoekers een versierde staaf en fragmenten van een kunstobject aan.

Laagje voor laagje leggen de onderzoekers de werkplaats bloot. In het mdiden van de foot ziet u 25 centimeter lange ivoren staafjes liggen. Foto: Cornelia Moors.

Moderne mensen
Maar wie waren 35.000 jaar geleden in deze werkplaats aan het werk? Vroege moderne mensen die in veel opzichten op ons leken, zo stellen de onderzoekers. Het ivoor haalden ze van dode mammoeten af. Onduidelijk is of de moderne mensen zelf op mammoeten joegen of dat de mammoeten waar ze ivoor van af haalden een natuurlijke dood stierven. Een andere mogelijkheid is dat de mammoeten al veel eerder bijvoorbeeld door Neanderthalers gedood waren en het ivoor vele jaren later door moderne mensen werd verwerkt.

Deze gereedschappen werden op zo’n twee meter afstand van de werkplaats gevonden. © MONREPOS; Foto: Olaf Jöris

Breitenbach
De onderzoekers deden hun ontdekkingen in het gebied Breitenbach. Hier bevond zich duizenden jaren geleden een flinke nederzetting die zeker 6000 vierkante meter en mogelijk zelfs 20.000 vierkante meter in beslag nam. Sinds het begin van de twintigste eeuw worden in het gebied opgravingen gedaan. En er zijn al heel wat objecten teruggevonden.

Veel van die objecten zijn op zichzelf niet zo uniek: vergelijkbare objecten van vergelijkbare leeftijd zijn eerder ook al teruggevonden. Maar: de meeste van deze eerder teruggevonden objecten werden in grotten aangetroffen, terwijl Breitenbach een hele open ruimte is. De moderne mensen hadden – in tegenstelling tot moderne mensen in grotten – de vrijheid om die ruimte zelf in te delen. Bestuderen hoe ze die ruimte indeelden, is zeer nuttig. Het geeft ons namelijk een goed beeld van het dagelijks leven van deze mensen.