Pesten (maar ook andere vormen van sociale stress) heeft invloed op de activiteit van genen in het brein en kan leiden tot een blijvende sociale fobie. Dat blijkt uit Amerikaans onderzoek.

“Zoals alcohol je lever aantast, zo tast stress je brein aan,” vertelt onderzoeker Yoav Litvin. De wetenschappers baseren hun conclusies op experimenten met muizen.

Experiment
Ze stopten een kleine, jonge muis in een kooi bij een oudere muis. De dieren zijn nogal territoriaal en dus volgde al snel een gevecht dat de jonge muis altijd verloor. Zo’n gevecht draaide meer om ego’s dan fysiek geweld: het experiment leverde meer stress dan pijn op. De jonge muis werd tien dagen op rij elke dag in een andere kooi bij een oude muis gezet. En elke keer werd hij getreiterd.

Gevoelig
Na die tien dagen bestudeerden de wetenschappers het brein van de muis. Ze ontdekten dat het brein gevoeliger was voor sociale stimuli. Bepaalde delen van de hersenen waren vooral gevoelig voor vasopressin: een hormoon dat betrokken is bij agressie tussen mannen. Dat betekent dat de muis overgevoelig was geworden en zich zelfs in veilige situaties angstig ging voelen.

BENIEUWD…

…hoe een pestkop zijn slachtoffer kiest? Lees het hier!

Angstig
Na de studie bracht de muis een volle dag in zijn eentje door. Toen hij daarna weer geconfronteerd werd met soortgenoten, bleef hij ver uit de buurt. Zelfs als die soortgenoten geen kwaad in de zin hadden. Het heeft veel weg van een sociale fobie. Of de effecten van het pesten blijvend zijn, is onduidelijk. “Deze systemen in de hersenen zijn dynamisch. Wat nu zo gaat, kan ook zus gaan, maar het kan wel eens onomkeerbaar zijn.”

De onderzoekers konden de angstige muis wel behandelen. Zo zijn er medicijnen die ervoor zorgen dat het brein minder gevoelig is voor bijvoorbeeld vasopressin. Maar medicatie is niet de enige oplossing: positieve relaties kunnen ook een wereld van verschil maken.

De resultaten van het experiment zijn ook van toepassing op mensen: zij reageren op dezelfde manier op stress als muizen, zo is uit onderzoek gebleken. Het volledige onderzoek is terug te vinden in het blad Physiology and Behavior.