Over niet al te lange tijd zullen de Haïtianen hun leven weer oppakken en hun dierbare hoofdstad herbouwen. Want zo’n sterk volk is het. Maar is hun straks herbouwde hoofdstad net zo sterk? Wetenschappers maken zich zorgen nu het erop lijkt dat de breuklijn die de aardbeving veroorzaakte nog meer dan genoeg voor de Haïtianen in petto heeft.

Ondanks de enorme kracht van de aardbeving heeft de breuklijn het eindstation nog niet bereikt. En de spanning bouwt zich op. Geologen Falk Amelung en Tim Dixon maken zich dan ook zorgen. Vroeg of laat komt er namelijk een nieuwe aardbeving. “Zelfs als de volgende beving dezelfde kracht heeft, zal deze nog meer schade aanrichten in Port-au-Prince dan afgelopen maand het geval was,” voorspelt Amelung. Om die reden dringen de geologen er bij de Haïtiaanse regering op aan om de hoofdstad – waar weinig meer van over is – ergens anders te herbouwen.

Spanning

Volgens de wetenschappers zal de breuklijn de volgende of de daaropvolgende generatie een hoop ellende bezorgen. De platen zullen namelijk weer botsen en de botsing vindt in dit geval nog dichter bij Port-au-Prince plaats. “Als dit een typische aardbeving was geweest dan zou het risico op nieuwe bevingen de komende maanden afnemen,” vertelt Dixon. “De spanning zou afnemen en we zouden weer 250 jaar rustig kunnen slapen. Maar dat is hier niet het geval. Onze resultaten wijzen erop dat er nog iets gaat gebeuren.” De Enriquillo-breuklijn heeft enkel in westelijke richting voor problemen gezorgd. Dit deel ligt recht onder het epicentrum van 12 januari, zo’n 32 kilometer ten westen van Port-au-Prince. Het oostelijke deel – dat ligt veel dichter bij de hoofdstad van Haïti – staat dus nog onder spanning. Vroeg of laat ontlaadt die spanning zich. En dat zal grote gevolgen hebben voor Port-au-Prince. Tenzij de hoofdstad een nieuw plekje krijgt.

Nieuwe stad
De wetenschappers hopen dat de Haïtiaanse regering ervoor kiest om de belangrijke stukken infrastructuur en de hoofdstad meer naar het noorden te verplaatsen. Dat is niet alleen verder weg van de breuklijn, maar de grond is er ook rotsachtiger, waardoor gebouwen meer trillingen kunnen hebben. Bovendien was Port-au-Prince voor de aardbeving met twee miljoen inwoners absoluut overbevolkt. En dat was ook één van de hoofdredenen dat er zoveel slachtoffers vielen. Volgens de onderzoekers zou de bouw van een nieuwe stad een mogelijkheid zijn om met die overbevolking af te rekenen. Een deel van de mensen kan in de nieuwe stad wonen. Door voorsteden te maken, is er ook ruimte voor de andere helft, maar zitten de mensen niet meer zo dicht op elkaar en zal de volgende beving minder levens eisen.

Decentralisatie
Het verplaatsen van een hele hoofdstad is niet zo gemakkelijk. De instorting van het nationaal paleis en andere belangrijke overheidsgebouwen maakt de stap echter iets kleiner. Er zijn op dit moment nog weinige gebouwen die erop wijzen dat Port-au-Prince de hoofdstad is. De bouw van een nieuwe stad biedt bovendien veel mogelijkheden. “Andere delen van het land kunnen zich ontwikkelen,” meent ontwikkelingsadviseur van de Haïtiaanse regering, Jocelyn McCalla.

St. Marc
Volgens Amelung en Dixon zou Haïti moeten overwegen om de hoofdstad ergens ten hoogte van St. Marc (een havenstad in het noorden) te herbouwen. Veel onderzoekers – waaronder Amelung en Dixon – houden zich op dit moment bezig met de ontwikkelingen van de breuklijn. Ze proberen te begrijpen waarom de aardbeving 12 januari niet helemaal heeft plaatsgevonden en welke gevolgen dat heeft.

Het is niet de eerste keer dat een land een nieuwe hoofdstad aanwijst. Brazilië deed het in 1950 toen Rio de Janeiro werd ingewisseld voor Brasília. De meeste Brazilianen onderschrijven vandaag de dag dat die beslissing de politieke en economische macht heeft helpen verspreiden en vergroten.