bij

Wetenschappers hebben bewijs gevonden dat mensen al in de Steentijd raad wisten met bijen en de producten die deze maken.

De onderzoekers bestudeerden meer dan 6000 scherven afkomstig van 150 verschillende plaatsen in Europa. Meerdere van deze scherven vertoonden sporen van bijenwas en tonen aan dat mensen in de prehistorie reeds de bij voor hun karretje spanden. Zo werd bijenwas bijvoorbeeld aangetroffen in kookpotten die in het zevende millennium voor Christus in Turkije gebruikt werden. Deze kookpotten zijn het oudste bewijs dat aantoont dat Neolithische boeren de producten van de bij gebruikten.

“De onderzoekers ontdekten bijenwas in kookpotten die in het zevende millennium voor Christus in Turkije werden gebruikt”

Honing?
Onduidelijk is nog of de prehistorische boeren bijen hielden of de producten van wilde bijen opzochten en verzamelden. Ook weten onderzoekers niet precies waarom de boeren met de bijen in de weer waren. “De meest voor de hand liggende reden voor het exploiteren van de honingbij is de honing, aangezien dit een zeldzame zoetmaker was voor de prehistorische mensen,” vertelt onderzoeker Mélanie Roffet-Salque. “Maar bijenwas kon ook gebruikt worden voor verschillende technologische, rituele, cosmetische en medicinale doeleinden, bijvoorbeeld om poreuze vaten van keramiek waterdicht te maken.”

Noorden
Het exploiteren van de honingbij was overigens niet voor alle prehistorische mensen weggelegd. Uit het onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat boeren in noordelijke gebieden zoals Schotland zich niet bezighielden met bijen. Dat komt mogelijk doordat de bij daar in die tijd niet voorkwam.

Het onderzoek naar de relatie tussen de mens en de bij is belangrijk, zo stelt onderzoeker Richard Evershed. Hij wijst erop dat oude Egyptische muurschilderijen en prehistorische rotskunst suggereert dat mensen zich al duizenden jaren met de bij bezighouden. “Maar wanneer dat is begonnen, was onbekend. Tot nu.”