Angst voor spinnen, haaien, hoogte, slangen en donkerte. Het kan de beste overkomen. Gelukkig is er binnenkort wellicht een snelle en effectieve oplossing: een injectie. Het prikje reprogrammeert het brein en leert het om niet langer bang te zijn. Dat concluderen wetenschappers na grondig onderzoek.

Volgens de wetenschappers is angst of een fobie een aangeleerde gewoonte. Een deel van het brein is zo geprogrammeerd dat er bij het zien van een spin of haai een enorme emotionele reactie – oftewel: angst – ontstaat. Door dat deel van de hersenen uit te schakelen, is het probleem opgelost.

De onderzoekers richtten zich op de kleine hersenen. Dit deel van het brein is zowel in goudvissen als in mensen nauw betrokken bij de ontwikkeling van angsten. In een experiment met goudvissen bleek dat dit deel van de hersenen vrij gemakkelijk kan worden uitgeschakeld. De goudvissen kregen eerst een angst aangeleerd: elke keer als een lampje ging branden, kregen ze een lichte elektrische schok. Hierdoor ging hun hart langzamer slaan: een typische angstreactie bij goudvissen. Al snel werd de goudvis ongeacht of er een schok volgde of niet, bang van het licht. Vervolgens kreeg de vis in de kleine hersenen een kleine dosis lidocaïne – een zeer gebruikelijk verdovingsmiddel – toegediend. De angst verdween als sneeuw voor de zon: de hartslag bleef stabiel.

Het is aannemelijk dat ook mensen op deze manier hun angsten kunnen overkomen. Het brein van goudvissen is namelijk gelijk aan dat van zoogdieren en mensen. “Op een dag kunnen onze irrationele angsten iets uit het verleden zijn,” meent onderzoeker Masayuki Yoshida. “Stel je voor dat angst voor spinnen, hoogte of vliegen met een simpele injectie genezen kan worden. Ons onderzoek suggereert dat dit op een dag werkelijkheid kan worden.”

Het effect van het prikje bleek in het geval van de goudvis maar tijdelijk te zijn. Zodra de lidocaïne was uitgewerkt, was de vis weer net zo angstig als daarvoor.