Ieder sterrenstelsel heeft een supermassief zwart gat in zijn centrum. Een team van Britse astronomen is erachter gekomen dat deze zwarte gaten zoveel energie kunnen vrijgeven, dat stervormingsgebieden uit elkaar vallen. Het gevolg is dat een sterrenstelsel langzaam uitdooft.

Rondom een zwart gat ontstaat een accretieschijf, een schijf waarin gas en stof uit de omgeving zich ophoopt. Deze accretieschijf warmt op en produceert veel energie. De accretieschijven in de centra van sterrenstelsels geven veel energie vrij, waardoor ze helderder zijn dan de output van honderden miljarden sterren bij elkaar.

Eén van de gevolgen is dat koele gas- en stofwolken uit elkaar worden gedreven. En laten dit nu net de belangrijkste ingrediënten voor nieuwe sterren zijn. Een zwart gat kan dus de vorming van nieuwe sterren helemaal stopzetten in een sterrenstelsel.

Een nieuw onderzoek heeft verschillende observatoria en telescopen gebruikt om massieve sterrenstelsels te onderzoeken. Daaruit blijkt dat minimaal eenderde van de onderzochte stelsels aan zijn einde komt door de energierijke accretieschijven van zwarte gaten. De energie-output van zulke zwarte gaten is in deze gevallen zo groot, dat een sterrenstelsel wel 25 keer gestript kan worden.

Het uitdovingsproces gaat overigens erg langzaam. Er gaan tientallen miljarden jaren overheen voor een sterrenstelsel vrijwel volledig uitdooft.