Tandplak van Neanderthalers verraadt dat de oude mensachtigen ook planten met een geneeskrachtige werking naar binnen werkten. Zouden ze de natuur toen al als hun apotheek hebben gezien?

De onderzoekers bestudeerden het bewaard gebleven tandplak van vijf Neanderthalers die in El Sidrón, een grot in het noorden van Spanje werden teruggevonden. Ze hoopten zo meer te weten te komen over het dieet van de oude mensachtigen. En het onderzoek levert inderdaad verrassende resultaten op.

Planten
Lang werd gedacht dat de Neanderthalers voornamelijk vlees aten. Maar recent onderzoek toonde aan dat de Neanderthaler ook wel planten at. Dit onderzoek onderschrijft dat. In het tandplak werden stofjes afkomstig uit planten gevonden. En die bewijzen dat de Neanderthalers onder meer grassen en noten aten. Ook werden sommige planten gekookt alvorens ze gegeten werden. Zeker twee planten die de Neanderthalers aten, staan vandaag bekend om hun geneeskrachtige werking. Dat meldt het blad Naturwissenschaften.

Aan het werk in de grot. Foto: CSIC Comunicación.

Variatie
“Het gevarieerde gebruik van planten suggereert dat de Neanderthalers van El Sidrón veel wisten over hun omgeving en planten op basis van hun voedingswaarde of als zelfmedicatie kozen,” stelt onderzoeker Karen Hardy. “Hoewel vlees duidelijk heel belangrijk was, wijst ons onderzoek op een nog veel complexer dieet dan voorheen werd voorgesteld.”

Bitter
De onderzoekers ontdekten bijvoorbeeld dat één Neanderthaler bittere planten at. Uit recent onderzoek was al gebleken dat ook Neanderthalers de smaak bitter konden waarnemen. Het bewijs wijst erop dat dit individu bitter smakende planten zoals duizendblad nuttigden en dat terwijl deze planten weinig voedingswaarde hebben. “We weten dat Neanderthalers deze planten bitter zouden vinden, dus het is waarschijnlijk dat deze planten om een andere reden dan hun smaak gekozen zijn,” vertelt onderzoeker Stephen Buckley. “Ons onderzoek bevestigt het gevarieerde en selectieve gebruik van planten door Neanderthalers,” voegt onderzoeker Les Copeland toe.

WIST U DAT…
…de Neanderthalers mogelijk ook al grotten versierden?

Het onderzoek is niet alleen heel interessant voor historici. Ook vandaag de dag kunnen we er nog iets aan hebben. Door het tandplak te bestuderen, kunnen we mogelijk meer te weten komen over het ontstaan en voorkomen van tandplak. De focus blijft echter liggen bij de Neanderthaler: een soort waar we veel van weten, maar waar toch ook nog veel misvattingen over bestaan. Onderzoeken zoals deze kunnen die uit de weg ruimen, zo hebben eerdere studies die stuk voor stuk in en rondom El Sidrón plaatsvonden al wel bewezen. In de grotten zijn zo’n 2000 restanten van zeker 13 Neanderthalers teruggevonden. De resten zijn 47.300 tot 50.600 jaar oud. “El Sidrón heeft ons in staat gesteld om veel van de misvattingen die we rondom Neanderthalers hebben te verbannen. Dankzij eerdere studies weten we dat ze voor hun zieken zorgden, hun doden begroeven en hun lichamen versieren.” En nu blijkt dat de Neanderthalers ook heel goed wisten wat ze wanneer naar binnen moesten werken.