Wetenschappers denken een goedkope manier gevonden te hebben om Australische goudmijnen op te sporen: insecten. In termietenhopen vonden de onderzoekers hoge concentraties goud terug. Mogelijk kunnen deze insecten ons laten zien waar ze dit goud vandaan hebben gehaald.

“We gebruiken insecten om goud en andere mineralen te vinden,” vertelt onderzoeker Aaron Stewart. “Deze stoffen zijn steeds lastiger te vinden, omdat het Australische landschap bedekt is met een laag geërodeerd materiaal die maskeert wat er dieper onder de grond plaatsvindt.”

WIST U DAT…

…een wereld zonder insecten waarschijnlijk een stuk minder lekker zou zijn?

Termieten – en ook mieren – graven door die laag geërodeerd materiaal heen. Zo belanden ze in een laag waar sporen van een onderliggende goudvoorraad te vinden zijn, zo is te lezen in het blad PLoS ONE. “De insecten brengen deze kleine deeltjes die goud bevatten naar boven en slaan deze op hun hopen.” Zelfs de kleinere hopen kunnen goud bevatten en onderzoekers uiteindelijk leiden naar de bron ervan: een goudmijn die zich vier of vijf meter onder het oppervlak bevindt.

De ontdekking komt op het juiste moment: de laatste jaren zijn de oppervlakkigere goudmijnen een eind leeggehaald. Er is nog wel meer goud, maar dat zit dieper. De enige manier om te achterhalen waar het zit, is door geheel willekeurig boringen uit te voeren. Maar dat is kostbaar en het komt regelmatig voor dat het boren niet tot de gewenste ontdekking van een goudmijn leidt. Insecten kunnen ons helpen om de locatie van goudmijnen accurater vast te stellen en ook het dieper gelegen goud te delven.