Blijkbaar maken wij – voor zover we nu weten – toch geen chemische stofjes aan om een partner te versieren.

Feromonen zijn chemische substanties die dieren produceren om leden van het andere geslacht aan te trekken en zover te krijgen dat deze met hen paren. Voor veel dieren geldt dat deze chemische substanties zeer belangrijk zijn. Vandaar dat veel onderzoekers zich afvroegen of ook wij ze misschien – zonder dat we dat zelf in de gaten hebben – aanmaken.

Androstadienon
Eerder onderzoek suggereerde dat wij mensen inderdaad twee stofjes aanmaken die wellicht dienst doen als feromonen. Het gaat om androstadienon (een geurstof die mannelijk zweet van een kenmerkende geur voorziet) en estratetranol (een geurtje dat vrouwen aanmaken).

Geen bewijs
Wetenschappers hebben zich nu nog eens over beide vermeende feromonen gebogen en moeten concluderen dat er geen enkel bewijs is dat deze stofjes van invloed zijn op ons gedrag. Ze baseren die conclusie op experimenten.

Experimenten
Tijdens deze experimenten kregen 43 mannen en 51 vrouwen foto’s te zien van geslachtsneutrale gezichten. De proefpersonen moesten aangeven of op de foto’s mannen of vrouwen te zien waren. Daarna volgde een tweede testje. Weer kregen de proefpersonen foto’s te zien (de mannen kregen foto’s van vrouwen en de vrouwen foto’s van mannen voorgelegd). De proefpersonen moesten aangeven hoe aantrekkelijk ze de persoon op de foto vonden en hoe groot ze de kans achtten dat deze persoon vreemd zou gaan. Terwijl de proefpersonen met de testjes bezig waren, werden ze blootgesteld aan androstadienon. Een dag later kwamen de proefpersonen opnieuw naar het laboratorium. Daar vonden dezelfde testjes plaats als een dag eerder. Alleen werden de proefpersonen nu blootgesteld aan estratetranol.

Resultaten
Blootstelling aan de geurstoffen bleek geen enkele invloed te hebben op de uitkomst van de experimenten. De geuren zorgen er – in tegenstelling tot feromonen bij andere diersoorten – dus niet voor dat we iemand aantrekkelijker gaan vinden.

Aandacht
Dat een eerder onderzoek suggereerde dat de stoffen wel feromonen waren, is niet zonder effect gebleven. Zo wordt androstadienon bijvoorbeeld in mannenparfums gebruikt, omdat het mannen aantrekkelijker zou maken. Dat die mythe zo lang overeind is gebleven, denkt onderzoeker Leigh Simmons wel te kunnen verklaren. Zo zouden studies die suggereren dat de twee geurstoffen feromonen zijn, meer aandacht krijgen “omdat we gefascineerd zijn door manieren waarop we onze aantrekkelijkheid kunnen vergroten”. Hierdoor is het idee ontstaan dat min of meer vaststaat dat ook mensen feromonen aanmaken. “Omdat onderzoek dat iets anders suggereert niet gepubliceerd wordt en als het gepubliceerd wordt, krijgt het niet zoveel aandacht (als studies die stellen dat mensen wel feromonen aanmaken, red.).”

Simmons benadrukt dat met dit nieuwe onderzoek niet bewezen is dat mensen helemaal geen feromonen aanmaken. Het bewijst alleen dat de twee stofjes die vaak als feromonen worden bestempeld, geen feromonen zijn. Hij sluit niet uit dat toekomstig onderzoek chemische substanties identificeert die ons daadwerkelijk aantrekkelijker maken in de ogen van anderen.