Onderzoekers puzzelen al 150 jaar om het mysterie van de vlindersoorten heliconius erato en heliconius melpomene op te lossen. De twee soorten zijn apart van elkaar geëvolueerd, maar zien er toch precies hetzelfde uit. Zelfs de kleinste details kloppen. Grote vraag is dan ook: hoe kan dat? Onderzoekers hebben het mysterie nu opgelost.

“Dat de twee soorten zich geëvolueerd hebben en er precies hetzelfde uitzien is te wijten aan het feit dat vogels op ze jagen,” legt zoöloog Chris Jiggins uit. “De vogels proberen alles wat er anders uitziet uit in de hoop dat het goed is. Dus leren ze dat bepaalde vleugelpatronen (van vlinders, red.) onverteerbaar zijn en vermijden die. Alles wat ook maar een klein beetje afwijkt van wat de vogels hebben ervaren heeft een grotere kans om aangevallen te worden.”

En dat is de reden dat deze twee vlindersoorten – die enkel hele verre familie van elkaar zijn – er precies hetzelfde uitzien. De vlinders vormen een goed voorbeeld van hoe twee soorten afzonderlijk van elkaar kunnen evolueren en elkaar toch nadoen om hun kans op overleven te vergroten.

Het is voor het eerst dat onderzoekers het ontstaan van twee identieke vlinders uit twee soorten niet alleen evolutionair, maar ook heel praktisch kunnen verklaren. Jiggins heeft namelijk het gen dat verantwoordelijk is voor de kleur van de vleugels gevonden. Dat gen bevindt zich in beide vlinders op dezelfde plaats, maar de volgorde waarin het gen opduikt, verschilt.