meer sporten

Goede voornemens bedenken: dat gaat nog wel. Maar u er vervolgens aan houden: dat is een heel ander verhaal. Waarom wil dat maar niet lukken? En is er misschien een wetenschappelijk trucje dat van elk goede voornemen een succes kan maken? We vroegen het hoogleraar psychologische besliskunde José Kerstholt, werkzaam aan de Universiteit Twente.

Elk jaar weer komen heel veel mensen rond de jaarwisseling met goede voornemens op de proppen. En elk jaar weer lukt het slechts enkelen om zich aan die goede voornemens te houden. Hoe komt dat?
“Dat is het resultaat van een discrepantie tussen het analytische systeem en het intuïtieve systeem. Met het analytische systeem maken we de goede voornemens. Het intuïtieve systeem stuurt ons gedrag.”

“Wat je moet doen om je goede voornemens te kunnen houden, is je omgeving zo inrichten dat je minder wilskracht nodig hebt”

Als ik dat zo hoor, is het menselijk brein dus helemaal niet ingericht op goede voornemens?
“Dat zou je inderdaad kunnen concluderen. Ons gedrag veranderen is heel moeilijk. Maar er zijn wel dingen die we kunnen doen om dat gemakkelijker te maken. Goede voornemens draaien om wilskracht. Want die wilskracht hebben we nodig om het intuïtieve systeem te sturen. Maar wilskracht is geen onuitputtelijke bron. Je kunt het vergelijken met een spier: als die vermoeid raakt, is deze niet meer zo sterk. Dat geldt ook voor wilskracht. Als je na een lange dag werken thuiskomt, is je wilskracht een eind op en is het lastiger om bijvoorbeeld die chips of dat gebakje te laten staan. Wat je dus moet doen om toch je goede voornemen te kunnen houden, is je omgeving zo inrichten dat je de wilskracht minder hard nodig hebt. Je moet zorgen dat je niet verleid wordt. Bijvoorbeeld door gewoon geen chips in huis te halen.”

En Kerstholt heeft nog wel meer tips voor mensen die ook dit jaar weer tegen beter weten in een goed voornemen bedenken.
“Allereerst moet je niet te veel doelen tegelijkertijd stellen. Daarnaast moet je jezelf ook realiseren dat je intuïtieve systeem niet gevoelig is voor tijd. Veel goede voornemens kosten op korte termijn heel veel en leveren pas op lange termijn iets op. En dat is voor veel mensen lastig. Daarom moet je kleine stapjes zetten: kleine doelen formuleren. Zo behoud je je motivatie. Ook moet je proberen om je goede voornemens zo specifiek mogelijk te maken en de doelen te koppelen aan je dagelijkse leven. Dus in plaats van “Vanaf nu ga ik gezonder leven”, zeg je “Vanaf nu ga ik op woensdag met vriend X om vijf uur hardlopen”. Zo maak je het specifiek en haalbaar en is de kans groter dat het daadwerkelijk lukt en je dus in het dagelijks leven niet terugvalt in je gewoontegedrag.”

“Als je echt gemotiveerd bent om je gedrag te veranderen dan wacht je niet tot 1 januari”

Maar zelfs met al die handige tips is een goed voornemen hoog houden lastig. Want het intuïtieve systeem heeft nog een troef achter de hand die het ons lastig maakt om ons gedrag te veranderen.
“Het intuïtief systeem werkt heel gevoelsmatig en staat daarmee haaks op het analytische systeem dat juist heel rationeel is. Je kunt zeggen: “Vanaf nu ga ik niet meer snoepen”, maar op het moment dat je dat denkt, kun je je niet voorstellen hoe je jezelf voelt wanneer je op een feestje bent waar iedereen aan het snoepen is en je zelf ook een gebakje aangeboden krijgt. Datzelfde geldt voor goede voornemens als “Vanaf nu ga ik aardiger zijn voor mensen” of “Vanaf nu word ik minder vaak boos”. Op het moment dat je in die emotie schiet, denk je anders en dat realiseer je je op het moment dat je het goede voornemen bedenkt, niet.”

Een goed voornemen werkelijkheid maken, is dus ronduit lastig. Maar is het voor iedereen zo lastig? Of zijn er mensen met bepaalde karaktertrekjes die het allemaal wat gemakkelijker afgaat?
“Ik ben ervan overtuigd dat er verschillen zijn tussen mensen en hun mate van wilskracht. Maar één ding heeft iedereen gemeen: de wilskracht raakt een keertje op. Interessanter is denk ik de vraag: Hoe gemotiveerd ben je nu werkelijk? Als je echt gemotiveerd bent, wacht je niet tot 1 januari. Dat je zo’n moment als de jaarwisseling nodig hebt om een goed voornemen te bedenken, geeft mijns inziens al aan dat je niet echt gemotiveerd bent om je gedrag te veranderen, want anders had je het al wel eerder gedaan.”

Is 1 januari überhaupt wel een geschikt moment voor goede voornemens? We beginnen aan een nieuw jaar – een schone lei – en alle mensen om ons heen hebben ook goede voornemens. Ik kan me voorstellen dat de druk op zo’n dag groter – misschien wel te groot – is dan ooit?
“Ach, het is ook wel een leuke traditie. We hobbelen altijd maar door met ons intuïtieve systeem. Een keer reflecteren op ons gedrag is ook wel aardig. Eigenlijk zouden we dat veel vaker moeten doen, maar dat doen mensen niet, omdat het meeste gedrag gewoontegedrag is.”

Dus zelfs als een goed voornemen op niets uitloopt, is het eigenlijk positief?
“Je hebt weer even gereflecteerd en bij je gedrag stilgestaan.”

Begint u met alle kennis die u heeft nog aan goede voornemens?
“Nee. Maar reflecteren vind ik wel heel belangrijk. Jezelf afvragen: komt wat ik doe overeen met wat ik wil? Dat zouden we veel vaker moeten doen.” Misschien een goed voornemen voor 2014?