denken

Het is goed om zo af en toe te reflecteren op uw vaardigheden. Maar u moet niet té veel nadenken, want dan kunnen die vaardigheden achteruit gaan. Dat blijkt uit nieuw onderzoek.

Wanneer u autorijdt, denkt u daar vaak niet bij na. U rijdt op de automatische piloot. Maar wat gebeurt er nu als u opeens gaat nadenken over vaardigheden die u anders op de automatische piloot doet? Dan schakelt u terug van automatisme naar bewuste handeling. Maar het bewuste systeem van de cognitieve controle kan maar één ding tegelijk. Dus als u gaat nadenken – een extra mentale inspanning levert – stoppen de automatische handelingen. En dat is zonde. Zeker als er niets mis is met de automatische handelingen. “Cognitieve controle is effectief totdat je grip krijgt en je vaardigheden automatiseert,” vertelt onderzoeker Bruno Bocanegra, verbonden aan de Universiteit Leiden.

Blijkbaar kunt u dus te veel cognitieve controle uitoefenen, oftewel te veel nadenken. Dat stellen onderzoekers op basis van experimenten. Ze verzamelden een aantal proefpersonen en lieten ze een computertaak verrichten. Proefpersonen moesten – afhankelijk van de aangeboden prikkel – op de linker- of op de rechterknop drukken. Een ingewikkelde taak vroeg om een grote mentale inspanning. Een veel eenvoudigere taak kostte ze vanzelfsprekend een zeer geringe mentale inspanning. Zonder dat de proefpersonen het wisten, waren de taken zo gemanipuleerd dat kleur steeds het goede antwoord voorspelde. Men zou denken dat het cognitieve systeem op een gegeven moment doorkrijgt dat kleur het goede antwoord voorspelt en dat de proefpersonen dan beter gaan presteren, omdat ze ten eerste meer informatie hebben en ten tweede een grote mentale inspanning leveren. Maar het experiment laat iets anders zien. Ondanks de extra informatie en meer cognitieve controle gingen de proefpersonen niet beter en sneller presteren.

Hoe komt dat? Ze oefenden te veel cognitieve controle uit, zo stellen de onderzoekers. Hun omgeving bood genoeg informatie aan om de taak ‘op de automatische piloot’ uit te voeren en toch bleven de proefpersonen een grote mentale inspanning leveren. En nadenken leidt in dit geval niet tot betere en snellere resultaten dan de automatische piloot.