Wat weten Amerikaanse scholieren over zwarte gaten, bevroren werelden, de oerknal en supernova’s? Niet zo heel veel. Dit blijkt uit een onderzoek van het National Research Council en de American Association for the Advancement of Science. Ook veel Amerikaanse docenten hebben geen goed beeld van het universum.

Beide instituten doen al jaren onderzoek naar hoeveel scholieren weten over wetenschap. Zo proberen ze te achterhalen hoe docenten nog beter hun kennis kunnen overdragen. De instituten stelden verschillende vragen aan kinderen en docenten, om te controleren hoeveel ze weten over het heelal.

Docenten
Schokkend is het feit dat 25 procent van de docenten niet weet dat er verschillende objecten in het heelal zijn. Daarnaast weet dertig procent van de docenten niet dat zwaartekracht een belangrijke kracht is in het zonnestelsel en dat planeten andere bewegingen hebben dan sterren. Wat vrijwel alle Amerikaanse leerkrachten wel weten is het feit dat sterren geclusterd zijn in sterrenstelsels.

Kinderen jonger dan negen jaar
Van kinderen onder de negen jaar weet 60 procent niet dat de lichtpunten aan de nachthemel verschillende objecten zijn. Meer dan de helft van de jonge kinderen weet dat er veel sterren zijn en dat objecten aan de nachthemel afzonderlijk van elkaar bewegen.

Kinderen tussen de tien en dertien jaar
Ruim zestig procent van de kinderen van tien tot dertien jaar snapt dat het zonnestelsel een ster en planeten heeft. Ruim vijftig procent weet dat licht tijd nodig heeft om te reizen.

Kinderen ouder dan veertien jaar
En kinderen van veertien tot achttien jaar? Die moeten hun kennis over het universum nog flink bijspijkeren. 45 procent kent de theorie van de oerknal niet, meer dan de helft weet niet hoe sterren en sterrenstelsels in het jonge universum ontstonden en bijna veertig procent weet niet dat er verschillende soorten sterren zijn.

Misvattingen
Er zijn veel misvattingen. Zo zijn er genoeg kinderen die geloven dat er geen zwaartekracht in de ruimte is en dat de zon geen ster is. Daarnaast denken kinderen dat andere sterren dichter bij de aarde staan dan de dwergplaneet Pluto.

Ook een interessante misvatting: telescopen worden in de ruimte geplaatst, omdat ze dan dichter bij astronomische objecten staan en daardoor een groter beeld kunnen krijgen. Sommige ouderen kinderen geloven dat astronauten verder dan de maan zijn geweest en dat het heelal steeds heter wordt.

Leren uit boeken
Soms zijn het juist docenten die verkeerde verhalen vertellen over het heelal. Deze verhalen nemen kinderen dan over. Om dit tegen te gaan vinden de instituten het belangrijk dat kinderen les krijgen uit boeken.