En wat blijkt: er is leven in de hoofdstad! Een enorme opsteker voor de onderzoekers.

Zoeken naar leven op andere planeten. Dat lijkt misschien niet zo lastig. Tot je bedenkt dat we het – door een gebrek aan sterrenschepen waarmee we in korte tijd enorme afstanden kunnen overbruggen – van grote afstand moeten doen. Dan wordt het opeens een stuk lastiger. Want hoe kun je levende wezens van een lichtjaar of tien afstand herkennen? Er zijn reeds verschillende methoden geopperd, maar geen van alleen zijn ze waterdicht. Zo hebben onderzoekers bijvoorbeeld voorgesteld om in de atmosfeer van planeten op zoek te gaan naar zuurstof, aangezien een aanzienlijk deel van de zuurstof in onze atmosfeer gegenereerd wordt door..leven. Maar inmiddels weten we dat zuurstof ook kan ontstaan door niet-biologische processen en dus niet de beste graadmeter is in de zoektocht naar buitenaards leven.

Namaak-leven
Gelukkig is er nu goed nieuws. Nederlandse onderzoekers hebben namelijk een instrument ontwikkeld waarmee ze op afstand leven kunnen detecteren. En de eerste experimenten met het instrument – uitgevoerd in Amsterdam – zijn hoopgevend. Het instrument bleek in onze hoofdstad namelijk feilloos onderscheid te kunnen maken tussen namaak- en echt leven.


Hoe werkt het instrument?
Moleculen waaruit leven is opgebouwd weerkaatsen het invallend licht gedraaid. Dat gedraaide licht – ook wel circulair gepolariseerd licht genoemd – verplaatst zich als een soort kurkentrekker en kan met speciale apparatuur vanaf grote afstand worden waargenomen. Onderzoeker Lucas Patty heeft een instrument gebouwd waarmee hij dat circulair gepolariseerd licht kan ‘zien’: TreePol. TreePol richt zich specifiek op gedraaid licht afkomstig van bladgroen. Maar bij positieve resultaten moet het ook mogelijk zijn om andere levensvormen op basis van dit geweerkaatste licht op te sporen: vrijwel alle moleculen waaruit leven is opgebouwd zetten invallend licht namelijk om in dat circulair gepolariseerde licht.

En positieve resultaten zijn er dus! Patty liet het instrument eerst los op bladeren van klimop en ficus in het lab. Daaruit bleek dat het instrument gebruikt kan worden om gezonde gewassen en gewassen die doodgaan van elkaar te onderscheiden. Maar experimenten vanaf het dak van het O2-gebouw van de VU wijzen nu dus uit dat het instrument ook onderscheid kan maken tussen leven en namaak-leven. Dat ontdekte Patty toen hij het instrument op de voetbalvelden van FC Buitenveldert richtte en er geen signaal kwam. “Toen ben ik naar de velden gelopen, wat bleek? Kunstgras!” Patty richtte het instrument vervolgens op de bomen van het Amsterdamse Bos en verkreeg direct een signaal.

Buitenaards leven
Het is hoopgevend. Volgens Patty – die zijn resultaten deze week wereldkundig maakt tijdens de verdediging van zijn proefschrift – kan de methode in de toekomst gebruikt worden bij de zoektocht naar buitenaards leven. En ook sterrenkundige en mede-ontwikkelaar Frans Snik is enthousiast. “We zijn zelfs al bezig met een versie die geschikt is voor het internationale ruimtestation of voor een maanlander.”

Waterdicht
Dat onderzoekers zo enthousiast zijn over TreePol komt doordat het op het moment eigenlijk de enige waterdichte methode is voor het opsporen van leven. Tot op heden is circulair gepolariseerd licht – waaruit TreePol dus afleidt dat er leven is – nog nooit waargenomen in de afwezigheid van leven.

Overigens is TreePol niet alleen interessant voor astrobiologen. Ook wat dichter bij huis kan het instrument worden ingezet. Zo wordt momenteel gekeken of TreePol gebruikt kan worden voor het monitoren van landbouwgewassen vanuit een vliegtuig of satelliet.

TreePol
Eerder kon je op Scientias.nl in een interview met Frans Snik al lezen dat de zoektocht naar leven heel lastig is. In het artikel wordt ook TreePol en de toen nog voorlopige resultaten van experimenten met het instrument aangehaald. Ondanks dat Snik erkent dat het lastig is om aliens te vinden, is hij er wel van overtuigd dat het ons gaat lukken. Binnen dertig jaar hebben we ze, aldus Snik!