Een belangrijk eiwit dat nodig is voor de totstandkoming van nieuwe hersencellen wordt door het zikavirus op een zijspoor gezet waardoor microcefalie ontstaat.

Tot die conclusie komen wetenschappers van Yale University in het blad Cell Reports. Hun onderzoek suggereert dat antivirale medicijnen wellicht ingezet kunnen worden om deze verstoring van het centrale zenuwstelsel te voorkomen.

Microcefalie
Het zikavirus komt op het moment onder meer voor in delen van Afrika en Zuid-Amerika en vormt met name een bedreiging voor ongeboren kinderen. Er zijn namelijk sterke aanwijzingen dat het zikavirus bij foetussen kan leiden tot microcefalie. Dit is een afwijking van het centrale zenuwstelsel waarbij de hersenen zich niet goed ontwikkelen en ook de schedel veel kleiner is dan normaal. Eerder deze maand gaven onderzoekers van Yale University al meer inzicht in hoe het virus – dat in eerste instantie toeslaat bij een zwangere vrouw – ook de foetus weet te bereiken. En nu denken onderzoekers van diezelfde universiteit dus te weten hoe het virus vervolgens bij het ongeboren kind microcefalie veroorzaakt.

WIST JE DAT…
…er recent twee veelbelovende vaccins zijn ontwikkeld in de strijd tegen zika?

TBK1
Uit onderzoek blijkt namelijk dat het zikavirus stamcellen in het brein doodt en het ontstaan van nieuwe hersencellen in de weg zit. De onderzoekers stellen dat het virus een belangrijk eiwit – TBK1 genoemd – op een zijspoor zet. Dit eiwit hoort eigenlijk de celdeling te regelen, maar gaat zich door toedoen van het virus met andere dingen bezighouden. Omdat het eiwit zich niet om de celdeling bekommert, vormen cellen geen nieuwe hersencellen, maar gaan in plaats daarvan dood. En dat resulteert dan in microcefalie.

Antivirale middelen
Het goede nieuws is dat infectie van neurale stamcellen wellicht voorkomen kan worden met bestaande antivirale middelen. Zo tonen experimenten in het laboratorium aan dat het reeds in de handel zijnde medicijn Sofosbuvir kan voorkomen dat neurale stamcellen die op de kweek zijn gezet geïnfecteerd worden door het zikavirus. Ook lijkt het middel ervoor te kunnen zorgen dat TBK1 zich bezig blijft houden met celdeling. Of dit middel of andere (bestaande) medicijnen daadwerkelijk ingezet kunnen worden om het virus te bestrijden, zal uit nader onderzoek moeten blijken.

“Er is een dringende behoefte aan behandelingen die zika-infecties, met name bij zwangere vrouwen, tegengaan,” stelt onderzoeker Marco Onorati. “In de tussentijd hopen we dat deze resultaten kunnen leiden tot behandelingen die de schade veroorzaakt door het virus kunnen minimaliseren.”