Het ijs dat naar verwachting het langste stand zou houden, blijkt twee keer sneller te smelten dan de rest van het Arctische ijs.

Op de Noordelijke IJszee ligt een deken van zee-ijs. Maar al sinds de jaren vijftig is dit zee-ijs sterk aan het veranderen. Hoe er eerst vooral dik, meerjarig ijs op de zee rustte, neemt nu dunner, seizoensijs de overhand. Toch zijn er nog een aantal plekken waar er dikker zee-ijs te vinden is. De belangrijkste is een gebied dat ook wel ‘het Laatste IJsgebied’ (ofwel Last Icea Area) wordt genoemd. Maar in een nieuwe studie komen onderzoekers tot een zorgwekkende conclusie. Dit oudste en dikste zee-ijs blijkt namelijk twee keer zo snel als de rest van het Arctische ijs weg te smelten.

Het Laatste IJsgebied
Het Laatste IJsgebied strekt zich uit van de Westelijke Canadese Arctische Eilanden tot de noordkust van Groenland. In dit deel van het Noordpoolgebied is het zee-ijs meer dan vijf jaar oud en kan het meer dan vier meter dik zijn. En dat is behoorlijk wat; het meeste ijs op de Noordpool is namelijk slechts één tot vier jaar oud. Een aantal Arctische dieren, zoals zeehonden en ijsberen, zijn afhankelijk van het zee-ijs voor de jacht en om hun jongen op groot te brengen. Het ‘allerlaatste ijs’ is dan ook voor deze dieren een toevluchtsoord; het is de laatste plek waar ze zich in de opwarmende wereld kunnen terugtrekken. En daarom wilde onderzoekers in de studie achterhalen hoe de zaken er hier precies voorstaan.


Het Laatste IJsgebied is de thuisbasis van het oudste en dikste ijs dat er op de Noordpool te vinden is. Maar waarom? Dat komt doordat oceaanstromingen en atmosferische winden stukjes drijvend ijs in een cirkelvormig patroon vervoeren. Deze blokken ijs botsen tegen elkaar aan en stapelen zich vervolgens, langs de noordelijke randen van Groenland en Canada, op.

Verplaatsen
De onderzoekers besloten de bedekking van het zee-ijs, de dikte en de beweging ervan te modelleren. Ze baseerden zich op satellietwaarnemingen en atmosferische gegevens verzameld tussen 1979 en 2018. En de bevindingen zijn alarmerend. Het zee-ijs blijkt zich namelijk in rap tempo te verplaatsen. Oceaanstromingen en atmosferische winden brengen het oude en dikke ijs naar andere delen op de Noordpool. Als gevolg hiervan daalt de ijsmassa in het gebied twee keer zo snel als op andere plekken.


Bekijk in deze video hoe het reilen en zeilen van het zee-ijs op de Noordpool.

De jaarlijkse, gemiddelde dikte van het zee-ijs. De zwarte lijn omgeeft het gebied waar het ijs dikker is dan 3 meter en dat wordt beschouwd als het Laatste IJsgebied. De witte lijnen omringen de twee gebieden waar het ijs dikker is dan vier meter. Afbeelding: Kent Moore/University of Toronto

Afzonderlijke gebieden
Het onderzoek onthult dat in twee afzonderlijke gebieden het zee-ijs in de zomer en vroege herfst steeds dunner is geworden en een minder groot gebied bedekt. Per decennium is het ijs zo’n 0,4 meter dunner is geworden. Dit betekent dat sinds het einde van de jaren zeventig het ijs al zo’n 1,5 meter is geslonken. En dat is slecht nieuws. “We kunnen het Laatste IJsgebied niet zien als één grote regio waar het ijs voor een lange tijd blijft liggen,” stelt hoofdonderzoeker Ken Moore. “Er is eigenlijk veel regionale variabiliteit.”


Volgens Moore is het ijsverlies in het Laatste IJsgebied waarschijnlijk te wijten aan stromingen die het ijs – voornamelijk in het westen – de regio uit duwen. Het zee-ijs aan de randen van het gebied kiest eerst het ruime sop, gevolgd door grotere stukken vanuit het midden. Dit zorgt voor een opstopping, vergelijkbaar met auto’s in een file. In het oosten lijkt de situatie wat stabieler en beweegt het ijs minder snel. Toch lijkt het erop dat langzaam maar zeker het zee-ijs verdwijnt. Uiteindelijk denken wetenschappers dat de gehele Noordelijke IJszee in de zomer ijsvrij zal worden. In de komende periode krijgt de Noordpool namelijk te maken met een natuurlijke, warme stroming afkomstig van de Stille Oceaan. En bovenop de door de mens veroorzaakte klimaatverandering, betekent dit dat er ergens tussen 2030 en 2050 in de zomer waarschijnlijk geen zee-ijs meer in het Arctisch gebied te vinden is. Dit houdt in dat er in de zomer minder dan 1 miljoen vierkante kilometer zee-ijs de Noordelijke IJszee zal bedekken. Wanneer we de eerste zee-ijsvrije Arctische zomer gaan meemaken, zal sterk afhangen van de vraag of het ons lukt om onze uitstoot terug te dringen.