tombes

Niet alleen de gewone oude Egyptenaren, maar ook de rijke, machtige inwoners van Egypte hadden een verbazingwekkend slechte gezondheid en stierven jong. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek.

Wetenschappers bestudeerden een tombe op zo’n 1000 kilometer afstand van Caïro. De tombe kwam tussen 1939 en 1760 voor Christus tot stand en doet dienst als de laatste rustplaats voor hoogwaardigheidsbekleders uit de regio. In de tombe troffen de onderzoekers meer dan 200 skeletten en mummies aan.

Gouverneurs
De onderzoekers bestudeerden de stoffelijke resten en konden zo conclusies trekken over de levensstijl en gezondheid van de overledenen. “De resten laten zien dat de algemene populatie en de gouverneurs – de hoogste sociale klasse – in omstandigheden leefden waarin hun gezondheid bijzonder kwetsbaar was,” vertelt onderzoeker Miguel Botella Lopez.

Stoffelijke resten die in de tombe zijn teruggevonden. Foto: Universiteit van Granada.

Stoffelijke resten die in de tombe zijn teruggevonden. Foto: Universiteit van Granada.

Problemen
De oude Egyptenaren hadden met tal van problemen te maken, zo stellen de onderzoekers. Onder meer ondervoeding en maag- en darmproblemen door het drinken uit de vervuilde Nijl. De levensverwachting was beperkt: mensen werden zelden dertig jaar oud. In de tombe vonden de onderzoekers heel veel stoffelijke resten terug van mensen die tussen de zeventien en 25 jaar oud waren toen ze stierven. Ook hebben de onderzoekers veel resten van kinderen teruggevonden.

Het onderzoek wijst erop dat de hoogste sociale klasse in slechtere omstandigheden leefde dan gedacht. Ook de gouverneurs en hun familie vielen ten prooi aan infectieziekten. En ook deze rijke en machtige families leden honger, aten ongezond en stierven jong.