mv

Het Y-chromosoom wordt vaak afgeschilderd als een chromosoom dat al jaren in verval is en nog maar beperkte functies heeft. Enkele onderzoekers gaven een tijdje terug zelfs aan te verwachten dat het Y-chromosoom helemaal verdwijnen zou. Maar we hebben het chromosoom onderschat, zo blijkt uit nieuw onderzoek. Het speelt een veel belangrijkere rol in het menselijk lichaam dan gedacht.

‘Weet je al wat het wordt?’ Het is een veelgehoorde vraag wanneer een vrouw zwanger is. Of de foetus een jongetje of een meisje is, hangt af van de chromosomen. Een meisje heeft twee X-chromosomen. Een jongetje een X- en een Y-chromosoom. Vaak wordt het Y-chromosoom dan ook afgeschilderd als het chromosoom dat het geslacht bepaalt. En soms wordt ook nog opgemerkt dat het een belangrijke rol speelt bij de productie van sperma. Maar daarmee onderschatten we het chromosoom enorm, zo blijkt uit nieuw onderzoek.

Belangrijk
De genen die we op het Y-chromosoom aantreffen – zo’n negentien exemplaren, opvallend weinig in vergelijking met het X-chromosoom dat meer dan duizend genen telt – spelen namelijk een veel grotere rol in het lichaam. Sterker nog: het grootste deel van deze genen speelt een zeer kleine of zelfs geen enkele rol in de geslachtsbepaling of spermaproductie. “Er is ongeveer een twaalftal genen op het Y-chromosoom overgebleven dat tot uiting komt in cellen en verschillende types weefsel door het gehele lichaam,” vertelt onderzoeker David Page. “Dit zijn genen die betrokken zijn bij het decoderen en interpreteren van het gehele genoom. Hoe groot hun effect exact is, is een vraag die we nu opperen en het is er eentje die we niet langer kunnen negeren.”

WIST U DAT…

Verdwijnen
Het onderzoek verandert onze kijk op het Y-chromosoom radicaal. De afgelopen jaren toonde onderzoek namelijk aan dat het Y-chromosoom flink wat genen verloren is. Ooit had het er 600, daar zijn er nu nog zo’n negentien van over. Sommige onderzoekers dachten zelfs dat het Y-chromosoom in de toekomst wel eens helemaal zou verdwijnen. “Dit onderzoek vertelt ons niet alleen dat het Y-chromosoom blijft, maar ook dat we het serieus moeten nemen en niet alleen met betrekking tot de voortplanting.”

Het onderzoek
De onderzoekers vergeleken het Y-chromosoom van chimpansees en resusapen met dat van mensen en ontdekten zo dat het menselijke Y-chromosoom de laatste 25 miljoen jaar slechts één voorouderlijk gen is kwijtgeraakt. Verder is het chromosoom heel stabiel. Nadat de onderzoekers hadden aangetoond dat mensen, chimpansees en resusapen Y-chromosomen hebben die bijna identieke voorouderlijke genen bevatten, gingen ze een stap verder. Ze brachten de evolutie van het Y-chromosoom van vijf minder nauw aan ons verwante zoogdieren in kaart: de muis, rat, stier, de buidelrat en het zijdeaapje. De onderzoekers stuitten daarbij op een set genen die in alle soorten opdoken. “Dit is een elitaire groep genen,” stelt Page. “De evolutie vertelt ons dat deze genen belangrijk zijn om te kunnen overleven,” voegt onderzoeker Winston Bellott toe. “Ze zijn door de tijd heen geselecteerd en gezuiverd.”

De onderzoekers willen nu gaan achterhalen welke functie de genen op het Y-chromosoom exact in het lichaam vervullen.