De computer ziet wat voor ons onzichtbaar is.

Dat het brein van mannen iets anders functioneert dan dat van vrouwen is al langer bekend. Net als het feit dat er anatomisch de nodige verschillen zijn. Maar nieuw onderzoek – uitgevoerd door een internationaal team van onderzoekers, waaronder ook wetenschappers van de Universiteit Twente en het onderzoeksinstituut Brainclinics in Nijmegen – onthult nu dat ook de elektrische hersensignalen bij mannen en vrouwen anders zijn. We hebben die ontdekking volledig te danken aan kunstmatige intelligentie, want wij mensen kunnen het verschil in de patronen niet zien.

Training
De elektrische hersensignalen kunnen gemeten worden met behulp van een EEG (elektro-encefalogram). De onderzoekers verzamelden de EEGs van een groot aantal mensen en legden ze voor aan een zogenaamd convolutioneel neuraal netwerk, oftewel een computer die door ervaring leert. Het netwerk werd eerst ‘getraind’. Tijdens deze training kreeg het 1000 EEGs voorgelegd. Het systeem werd tevens ‘verteld’ of de EEGs van mannen of vrouwen waren. Daarna kreeg het systeem 300 EEGs voorgelegd die het nog niet eerder had gezien en moest het zelfstandig achterhalen of de EEG van een man of vrouw was. In meer dan 80 procent van de gevallen wist het systeem het juiste antwoord te geven.

WIST JE DAT…

Emoties
Het systeem had dus duidelijk verschillen gevonden tussen de hersenritmes van mannen en vrouwen. Maar waar zat dat verschil dan in? Voornamelijk in de bèta-activiteit, in het frequentiegebied van 20 tot 25 Hz. Deze hersenritmes houden verband met cognitie en taken die emotioneel positief of negatief zijn. Eerder onderzoek heeft aangetoond dat vrouwen beter zijn in het herkennen van emoties en je zou verwachten dat dat leidt tot andersoortige bèta-activiteit en een verschil tussen EEGs van mannen en vrouwen. Vervolgonderzoek moet verder uitwijzen of dat verband overeind blijft.

De studie is bijzonder interessant. Zo toont deze allereerst aan dat een EEG veel meer informatie bevat dan we denken. Daarnaast kan de studie implicaties hebben voor de behandeling van neurologische of psychologische aandoeningen wanneer blijkt dat de hersensignalen van mannen en vrouwen ook in die situatie verschillen.