Samen verliezen de gebieden gemiddeld zo’n 318 gigaton ijs per jaar. Oftewel: genoeg ijs om zo’n 127 miljoen Olympische zwembaden mee te vullen.

Dat het ijs overal ter wereld smelt, is bekend. Toch blijkt het soms lastig om in kaart te brengen hoeveel ijs er precies wegkwijnt. Mede om die reden werd ICESat-2 gelanceerd; het meest geavanceerde laserinstrument ooit. Dankzij deze satelliet kunnen wetenschappers heel nauwkeurig de dikte van het ijs meten, waardoor we nu precies weten hoe de ijskappen van Groenland en Antarctica ervoor staan.

Meer over ICESat-2
De langverwachte ICESat-2-missie werd in september 2018 gelanceerd. De satelliet werd in een baan rond de aarde gebracht en had een duidelijk doel voor ogen: het verzamelen van zoveel mogelijk hoogtegegevens van onze aardbol. Hiervoor verrichtte de satelliet miljoenen metingen per dag. De missie borduurt voort op de ICESat-missie, die operationeel was tussen 2003 en 2009. Deze satelliet wist tijdens zijn werkzame leven zo’n twee miljard metingen te volbrengen; een score die ICESat-2 in zijn eerste week al overtrof.

ICESat-2 is ontworpen om nauwkeurig de hoogte van ijs te meten en bij te houden hoe dit in de loop van de tijd verandert. Hiervoor gebruikt de satelliet geavanceerde lasertechnologie, bestaande uit zes laserstralen. Deze ‘laserhoogtemeter’ meet hoe lang een lichtpuls nodig heeft om naar het aardoppervlak af te reizen en weer terug te komen. En op die manier kan uiterst precies verschillende hoogtes worden vastgelegd. “ICESat-2 is echt een fantastisch hulpmiddel om deze metingen uit voeren,” zegt onderzoeksleider Benjamin Smith. “We hebben nu hoogwaardige metingen van beide ijskappen in handen, waardoor we een gedetailleerde en nauwkeurige vergelijking kunnen maken.”


Vergelijken
De onderzoekers vergeleken de door ICESat-2 verzamelde data met die van zijn voorganger die tussen 2003 en 2009 metingen uitvoerde. Hierdoor kregen de onderzoekers een duidelijk beeld van hoe de ijskappen in de afgelopen zestien jaar op Groenland en Antarctica zijn veranderd. Dit biedt tevens inzicht in de toekomst van beide ijskappen. “Als je een maand of een jaar een gletsjer of ijskap bestudeert, kom je niet veel te weten over wat het klimaat precies teweegbrengt,” zegt Smith. “We hebben nu een periode van zestien jaar gedekt. En daarom zijn we er nu veel zekerder van dat de veranderingen die we zien te maken hebben met veranderingen van het klimaat.”

127 miljoen Olympische zwembaden
De bevindingen zijn niet mals. Uit de studie blijkt namelijk dat de ijskap van Groenland gemiddeld 200 gigaton ijs per jaar verliest en de ijskap van Antarctica gemiddeld 118 gigaton ijs per jaar ziet verdwijnen. Samen verliezen de gebieden gemiddeld dus zo’n 318 gigaton ijs per jaar. Voor je beeldvorming: één gigaton ijs is genoeg om 400.000 Olympische zwembaden te vullen. Dat betekent dat beide ijskappen samen genoeg ijs verliezen om zo’n 127 miljoen Olympische zwembaden vol te gieten.

Deze kaart toont de hoeveelheid ijs die er op Antarctica (links) en Groenland (rechts) tussen 2003 en 2019 bij is gekomen, of is gesmolten. Afbeelding: Smith et al./Science

Zeespiegelstijging
Bovendien blijkt dat het netto verlies van Antarctisch ijs, samen met de krimpende ijskap van Groenland, verantwoordelijk is voor een zeespiegelstijging van 14 millimeter sinds 2003. Groenland neemt tweederde van de zeespiegelstijging voor zijn rekening, Antarctica een derde. “In Groenland heeft dit voornamelijk te maken met een aanzienlijke verdunning van gletsjers langs de kust,” zegt Smith. De gletsjers Kangerlussuaq en Jakobshavn hebben bijvoorbeeld een hoogte van vier tot zes meter per jaar verloren. Dat komt doordat ijs aan het oppervlak door hogere zomertemperaturen smelt. Bovendien erodeert het ijs op sommige plaatsen door warmer oceaanwater.


Belangrijk om te weten is dat als ijsplaten smelten, de zeespiegel niet direct stijgt. Dat komt omdat ijsplaten al drijven. Een ijsblokje dat in een vol glas water smelt, zal bijvoorbeeld ook niet het glas doen overlopen. De ijsplaten zorgen echter wel voor stabiliteit van de gletsjers en ijskappen erachter. Ze houden die als het ware tegen. Als een ijsplaat dunner wordt of smelt, zal het ijs van die gletsjers de zee in kunnen storten. En daardoor stijgt de zeespiegel wel.

Antarctica
op Antarctica toonden de metingen van ICESat-2 aan dat de ijskap opmerkelijk genoeg in bepaalde delen in het binnenland dikker wordt. Waarschijnlijk is dit het gevolg van toegenomen sneeuwval. Toch weegt het verlies van ijs in andere delen van het continent – zoals in West-Antarctica en op het Antarctisch Schiereiland – vele malen zwaarder. “Op West-Antarctica zien we dat veel gletsjers in fors tempo steeds dunner worden,” zegt Smith. “Aan het uiteinde van die gletsjers drijven op het water ijsplaten. Deze ijsplaten worden ook steeds dunner, waardoor er meer ijs de oceaan in stroomt, terwijl door het warmere water het ijs erodeert.” De metingen wijzen uit dat de ijsplaten van Thwaites en Crosson de meeste massa verliezen; gemiddeld respectievelijk vijf en drie meter ijs per jaar.

Uit deze studie blijkt dus dat het ijs op Groenland en Antarctica ontzettend snel wegkwijnt. En dat sluit aan bij eerder onderzoek. Zo stelden onderzoekers al dat in slechts drie decennia tijd de hoeveelheid ijs die de regio’s samen per jaar kwijtraken, is verzesvoudigd. Een zorgwekkende trend die waarschijnlijk op korte termijn ook niet te stoppen is. “De nieuwe analyse onthult in ongekend detail de reactie van de ijskappen op klimaatverandering,” zegt onderzoeker Alex Gardner. “Bovendien geeft het belangrijke aanwijzingen over hoe en waarom de ijskappen reageren op de manier zoals ze doen.”