Wie een exoplaneet wil ontdekken, kan het beste zoeken naar stofschijven. Dit adviseren astronomen in een nieuw paper in The Astronomical Journal.

Wanneer een jonge ster een stofschijf heeft, is de kans op de aanwezigheid van een forse gasplaneet veel groter. Negen keer om precies te zijn. Dit blijkt uit statistisch onderzoek van Caltech-promovendus Marta Bryan en haar professor Tiffany Meshkat.

De onderzoekers gebruikten gegevens van 130 stersystemen met stofschijven en vergeleken de data met 277 sterren zonder schijven. De sterren waren een paar miljoen tot een miljard jaar oud. Van de 130 stersystemen met stofschijven zijn er honderd in het verleden gescand op exoplaneten. Dertig exemplaren nog niet en die zijn met andere telescopen gescreend. Er zijn geen nieuwe exoplaneten gevonden.

Het is nog onbekend waarom grote exoplaneten stofschijven creëren. Mogelijk zorgt een grote gasplaneet ervoor dat de banen van kleine planeten en planetoïden worden verstoord, waardoor ze op elkaar botsen en er een stofschijf ontstaat. De kans op de aanwezigheid van kleinere planeten lijkt hierdoor ook kleiner dan in een systeem zonder stofschijf.

Ons zonnestelsel
Ook ons eigen zonnestelsel heeft eigen ‘puinschijven’, namelijk de asteroïdengordel tussen Mars en Jupiter en de Kuipergordel achter Neptunus. De meeste systemen die Meshkat en Mawet bestudeerden hadden ook twee schijven. De schijven bevatten veel meer stof dan onze asteroïdengordel en Kuipergordel, maar dat heeft er wellicht mee te maken dat ons zonnestelsel al 4,5 miljard jaar oud is. Na het Late Heavy Bombardment (4 tot 3,8 miljard jaar geleden) werd het veel rustiger in ons zonnestelsel.

James Webb
De komende jaren komen we waarschijnlijk nog meer te weten over stofschijven, want de opvolger van de Hubble-telescoop – de James Webb-telescoopwordt in het voorjaar van 2019 gelanceerd.