De embryo’s liggen klaar voor een eerste IVF-poging.

Het is de meest bedreigde diersoort op aarde: de noordelijke witte neushoorn. Het laatste mannetje legde in maart dit jaar het loodje en op dit moment zijn er nog maar twee vrouwtjes in leven. Het ziet er dan ook niet goed uit voor deze prachtige soort.

Embryo’s
Maar kort na de dood van het laatste mannetje lieten wetenschappers al weten dat ze het nog niet opgaven. Met behulp van opgeslagen zaadcellen van reeds overleden mannelijke noordelijke witte neushoorns zou het mogelijk moeten zijn om eicellen van de overgebleven vrouwelijke witte neushoorns te bevruchten. En wellicht zouden de resulterende embryo’s dan – eventueel in een draagmoeder – uit kunnen groeien tot gezonde noordelijke witte neushoorns.

Hybride
Het klinkt prachtig, maar er is één probleem: er zijn maar weinig eicellen van noordelijke witte neushoorns beschikbaar. En daarom hebben onderzoekers het nu over een andere boeg gegooid. Ze hebben eicellen van de nauw aan de noordelijke witte neushoorn verwante zuidelijke witte neushoorn verzameld en deze bevrucht met zaadcellen van overleden noordelijke witte neushoorns. Het resultaat is een hybride embryo die genetisch materiaal van zowel de noordelijke als zuidelijke witte neushoorn bevat.

Primeur
Het is een primeur. IVF is al vaker toegepast bij grote zoogdieren – zoals paarden – maar nog niet eerder zijn onderzoekers erin geslaagd om een embryo van neushoorns buiten het lichaam om te laten uitgroeien tot een blastocyste: een hol balletjes dat tijdens het delen van de bevruchte eicel ontstaat. De blastocyste is in principe klaar voor implantatie. Maar onderzoekers hebben ze voor nu ingevroren. Wellicht dat ze in de toekomst in de baarmoeder van een draagmoeder – een zuidelijke witte neushoorn – geplaatst kunnen worden.

Kruisingen
Met deze aanpak is de noordelijke witte neushoorn natuurlijk niet gered. Want zelfs als het lukt om de embryo’s in een draagmoeder uit te laten groeien tot gezonde jonge neushoorns zijn het geen noordelijke witte neushoorns, maar kruisingen. Toch is het hoopgevend, want met deze aanpak is het wellicht toch mogelijk om een deel van het genetische materiaal van de noordelijke witte neushoorn te behouden.

Bovendien is het genereren van jonge neushoorns uit deze hybride embryo’s wat onderzoekers betreft niet het eindstation. Zo blijven ze proberen om eicellen van de twee nog in leven zijnde noordelijke witte neushoorns te verzamelen. En wellicht kunnen daarmee dan wel embryo’s worden gemaakt waaruit een echte noordelijke witte neushoorn voort kan komen.