Blijkbaar varen sommige soorten wel bij onze torenhoge CO2-uitstoot en daaruit voortvloeiende verzuring van de oceanen.

De toename van CO2 in het zeewater heeft de afgelopen jaren geleid tot oceaanverzuring. En een zuurdere oceaan is slecht nieuws voor veel zeeleven, zoals koraal en haaien. Maar klimaatverandering kent zowel winnaars als verliezers. Want onderzoekers zijn er tijdens een nieuwe studie achtergekomen dat er ook vissoorten bestaan die juist beter gedijen in een zuurdere oceaan.

Verzuring
We weten al een tijdje dat onze oceanen verzuren. Het betekent in feite dat het evenwicht tussen de absorptie en afgifte van CO2 in de oceaan is verstoord. Hierdoor kan de oceaan de hoeveelheid CO2 die in het water terecht komt niet aan, waardoor de oceaan ‘zuurder’ wordt. “De opwarmende oceanen absorberen ongeveer een derde van de extra CO2 die door onze emissies vrijkomt in de atmosfeer,” vat onderzoeksleider Ivan Nagelkerken samen. De verwachting is dat de verzuring van de oceaan onafgebroken voortzet, waardoor we tegen het einde van deze eeuw met nog een veel zuurdere oceaan kampen. En daardoor rijst de vraag wat dit voor gevolgen kan hebben voor al het zeeleven.

Kwelgeest
De huidige oceaanverzuring is een grote kwelgeest voor bijvoorbeeld koraalriffen – zoals het ernstig verbleekte Great Barrier Reef – en een aanzienlijk deel van al het oceaanleven. De opwarming van het zeewater zorgt namelijk voor stress, waardoor de algen die koralen van voedsel én kleur voorzien, het hazenpad kiezen. Het koraal blijft dan kleurloos – oftewel verbleekt – achter en gaat in het ergste geval dood. De verzuring van de oceaan heeft ook veel gevolgen voor ander zeeleven. Wetenschappers voorspellen bijvoorbeeld dat het aantal haaien in 2100 met 44 procent is afgenomen.

Om dit goed te onderzoeken, bestudeerden wetenschappers verschillende ecosystemen en vergeleken de CO2-niveaus die worden voorspeld tegen het einde van deze eeuw met vissoorten die leven onder ‘normale’ CO2-niveaus vandaag de dag. En dat leidde tot een verrassende ontdekking. “We weten dat veel soorten negatief worden beïnvloed in hun gedrag en fysiologie door oceaanverzuring,” vertelt Nagelkerken. Maar dat geldt niet voor alle vissen. Zo ontdekten ze dat de Forsterygion lapillum – een straalvinnige vissensoort uit de familie van de drievinslijmvissen – niet op een negatieve manier door de zuurdere oceaan wordt aangetast. Integendeel.

Geslachtsorganen
Opvallend genoeg lijkt de Forsterygion lapillum juist beter in water dat verrijkt wordt met koolstofdioxide te gedijen. “We kwamen erachter dat zowel de mannetjes als de vrouwtjes van deze soort grotere geslachtsorganen krijgen wanneer de oceaan zuurder wordt,” aldus Nagelkerken. “Dit betekent een verhoogde productie van eieren en zaadcellen en dus meer nakomelingen.” Deze grotere geslachtsorganen bleken bovendien alleen maar in het voordeel van de vis te werken; de onderzoekers ontdekten geen enkel nadeel.

Eten
Opvallend genoeg blijken mannetjes onder zuurdere omstandigheden in de oceaan meer trek te hebben. “We ontdekten dat mannetjes meer aten,” vertelt Nagelkerken. “Ze foerageren veel intensiever op meer overvloedige prooien. Deze prooien zijn veelvuldig aanwezig vanwege toegenomen biomassa van algen die groeien wanneer het CO2-niveau hoger is.” De vrouwtjes aten daarentegen niet meer. “Zij zijn juist minder actief, om energie te behouden,” legt Nagelkerken uit. “Deze energie gebruikten ze vervolgens om grotere eierstokken te ontwikkelen.”

Verzorgen
Niet alleen betekent dit dat de Forsterygion lapillum waarschijnlijk in aantallen zal toenemen, ook ontdekten de onderzoekers dat volwassen exemplaren beter voor hun jongen zullen zorgen, wat de kans op reproductiesucces vergroot. “Wanneer het water meer verrijkt is met CO2, komen er meer volwassen mannetjes,” legt Nagelkerken uit. “In deze soort is het normaal dat de mannetjes voor de eieren zorgen. Dit betekent dus dat er meer vaders zijn die op de eieren toezien, waardoor het nageslacht kan toenemen.”

De studie wijst erop dat het heel waarschijnlijk is dat Forsterygion lapillum en soortgelijke soorten goed zullen gedijen wanneer oceaanverzuring doorzet. “Het onderzoek toont aan dat sommige, meer dominante soorten in staat zullen zijn om te profiteren van veranderingen in ecosystemen zoals oceaanverzuring,” concludeert onderzoeker Sean Connell. “Hierdoor kan hun populatie groeien.” Helaas is ditzelfde lot niet alle vissen beschoren. Want andere, minder dominante vissoorten lijken niet te profiteren van de zuurder wordende oceaan, wat mogelijk te wijten is aan hun minder competitieve karakter.